Onderzoek+naar+familiekant+bij+overname
Nieuws

Onderzoek naar familiekant bij overname

Hogeschool Windesheim is samen met LTO Noord, NAJK en CAH Vilentum gestart met een onderzoek naar de communicatie bij het opvolgingsproces bij agrarische familiebedrijven. Met de nieuwe kennis worden instrumenten ontwikkeld die families ondersteunen bij het opvolgingsproces.

Anne-Marie Rops Bedrijfsovername is een complex geheel, volgens Ilse Matser, directeur Landelijk Expertisecentrum Familiebedrijven van Windesheim. ‘Het gaat om het werk en het eigendom dat overgedragen wordt. Daar zitten fiscale kanten aan, juridische, financiële en bedrijfseconomische kanten, maar ook de familiekant. Wij richten ons niet op de harde maar op de zachte factoren bij bedrijfsovername. Als ouders wil je het bedrijf overdragen, maar hoe doe je dat op een goede manier binnen het gezin?’
Om de familiekant bij bedrijfsovername beter te regelen heeft Windesheim een familiestatuut ontwikkeld, waarmee onder andere het mkb werkt bij bedrijfsovername. ‘We gaan onderzoeken of dat ook in de agrarische sector gaat werken’, aldus Matser.

Boerenfamilies

Maandag was de start van het onderzoek op Windesheim. Daarvoor waren vijftien boerenfamilies uitgenodigd die een rol hebben in het onderzoek. Zij worden de komende twee jaar gevolgd in het opvolgingsproces op hun bedrijf. Zo worden de verschillende gezinsleden regelmatig geïnterviewd over het opvolgingsproces. Ook worden er workshops georganiseerd, is er ruimte voor het uitwisselen van ervaringen en zijn er keukentafelgesprekken.
Het onderzoek moet de families meer inzicht geven in het opvolgingsproces en instrumenten om te gebruiken in het opvolgingsproces. ‘Het onderzoek en de resultaten ervan komen niet in plaats van bestaande adviseurs’, zegt Matser. ‘Neem je bestaande adviseurs mee in het onderzoekstraject.’
Jelle Bouma, onderzoeker bij Windesheim en het lectoraat Familiebedrijven, gaat in op het opvolgingsproces. ‘Bedrijfsovername heeft gevolgen voor het hele gezin’, zegt Bouma. ‘Als overdragers moet je stil staan bij het feit dat overname gevolgen heeft voor de niet-opvolgers. De gunfactor van de andere kinderen kan een doorslaggevende factor zijn voor een geslaagde bedrijfsopvolging.’
Kennismaken met elkaar doen de verschillende families in vijf groepen, waarbij de families zich verspreiden over de groepen. Sommige families zijn met drie familieleden vertegenwoordigd, anderen met vier, vijf of zes mensen: ouders, opvolger en partner en twee kinderen die het bedrijf niet overnemen.
De gesprekken komen vlot op gang. Over de situatie op het bedrijf, de fase in het opvolgingsproces en waar ze trots op zijn. Een aantal keer komt voorbij dat achteraf andere kinderen zeggen dat ze te weinig bij de bedrijfsovername betrokken waren. ‘Bedrijfsoverdracht is niet niks’, is een van de opmerkingen. ‘Je kunt het niet genoeg bespreken.’
Ook zijn er situaties waarin meerdere kinderen het bedrijf willen overnemen. ‘Gaat dat wel goed in een samenwerking?’ vraagt een vader zich af. ‘Nu werkt de ene zoon nog buitenshuis, maar hoe komt het straks?’

Jonge opvolger

Een boerin vertelt dat haar zoon die nog op school zit, wel oren heeft naar overname, maar nog jong is. ‘Mijn moeder zegt: laat hem straks meteen meewerken in het bedrijf. Maar wij denken dat een jaar werken in het buitenland of ervaring opdoen in een baan buitenshuis goed voor hem is. Daar denken wij toch anders over dan onze ouders.’
Over haar verwachting van het onderzoek zegt ze: ‘We hopen dat het ons meer inzicht geeft, onder andere door het uitwisselen van ervaringen.’