Kennispartners

'Zet bij maisraskeuze kVEM per hectare op één'

Mais had in 2016 een hoge voederwaarde, gemiddeld 995 VEM (bron: Eurofins Agro). Dat kwam door de ongewoon snelle afrijping als gevolg van het warme weer. Per dag kwam er soms wel 1 procent droge stof (ds) bij. Normaal is dat 1 procent per drie dagen.

'Veel veehouders hebben zich daar op verkeken', zegt Jos Groot Koerkamp, manager Veehouderij van Limagrain. 'Ze hebben daardoor droge kuilen met een hoge voederwaarde.' Tegelijk gaven de eerste twee grassneden bij de meeste veehouders veel energie. 'Het is goed om het rantsoen daar op aan te passen, en ook te zorgen voor voldoende pensvulling en structuur', adviseert Groot Koerkamp.

Maisrassen met een hoog percentage verteerbare celwand zorgen daarvoor. Een hoge celwandverteerbaarheid zorgt ook voor extra VEM. De voederwaarde komt niet alleen uit de kolf, maar ook uit de stengel en het blad. Het zetmeel in de kolf heeft een verteerbaarheid van bijna 100 procent. Daar is nauwelijks winst te boeken.

De celwandverteerbaarheid maakt het verschil. Die is nu gemiddeld slechts 54 procent bij de rassen op de Nederlandse Rassenlijst.

Bij lage celwandverteerbaarheid gaat tot 75 VEM via mest verloren

Een hoge celwandverteerbaarheid zorgt voor een betere benutting van de plant. Bij rassen met een lage celwandverteerbaarheid gaat tot 75 VEM per kilo droge stof via de mest verloren.

Ras kiezen in stappen

In 2016 was de voederwaarde van de kuilen wel hoog, maar de voederwaarde-opbrengst per hectare was gemiddeld geen uitschieter. Toch is die doorslaggevend voor het rendement, stelt Groot Koerkamp. 'Nederland produceert zuivel op de duurste grond.

Daarom is het belangrijk om zo veel mogelijk per hectare te produceren. Alleen een hoge opbrengst in tonnen is niet voldoende. Het gaat om een hoge verteerbare opbrengst. Want anders moet je extra bijproducten of krachtvoer aankopen om aan voldoende energie te komen.'

Groot Koerkamp adviseert daarom om bij de rassenkeuze een hoge VEM-opbrengst zonder meer op één te zetten.

Limagrain heeft een nieuw kengetal ontwikkeld dat veehouders helpt bij hun keus voor een maisras met een hoge voerefficiëntie: Milk+. Dit brengt per ras in beeld hoeveel kilo melk een kilo ds-opname oplevert. Milk+ is een objectieve formule, die Limagrain in Frankrijk samen heeft ontwikkeld met het toonaangevende researchinstituut INRA. 'Het geeft inzicht in de melkpotentie en daarmee in de financiële opbrengst van een ras', legt Groot Koerkamp uit. 'Het is ontwikkeld om de rassenkeuze nog makkelijker te maken.'

Limagrain introduceert Milk+ dit seizoen in Nederland. Volgend jaar zal het op grote schaal gehanteerd worden.

Het ideaal is dat een indexcijfer als Milk+ ook op de Nederlandse Rassenlijst vermeld wordt. Groot Koerkamp: 'Bij suikerbieten kennen we ook het financiële rendement van een ras. Waarom niet bij mais?'

Een tweede criterium bij de rassenkeuze is de regio waarin het perceel ligt. Hoe noordelijker, hoe vroeger het ras moet zijn. De maisspecialist adviseert om sowieso niet te kiezen voor te late rassen. Want die hebben een veel grotere kans dat ze niet rijp worden én een groter oogstrisico, vooral op klei of veen. Bij vroege rassen is het oogstrisico veel kleiner, terwijl de nieuwe vroege rassen in opbrengst nauwelijks achterblijven bij de latere rassen.

Tot slot zijn de landbouwkundige waarden belangrijk bij de rassenkeuze, legt hij uit. Bijvoorbeeld in kustgebieden is stevigheid een belangrijk criterium, terwijl het in intensieve teeltgebieden juist goed is om ziekteresistentie, zoals builenbrand, sterk mee te laten wegen.

Teelttips

Naast rassenkeuze, bepalen diverse andere factoren of een perceel een topopbrengst levert. Groot Koerkamp geeft een aantal tips. Het begint bij een goede perceelskeuze en vruchtwisseling. Voor telers in de echte maisgebieden in het oosten en zuiden is het extra belangrijk om te letten op een goede rotatie. De maisspecialist adviseert om bij inzaai op gescheurd grasland of op andere percelen met vreterij te kiezen voor zaad dat ook ontsmet is tegen ritnaalden.

'De druk van ritnaalden en emelten neemt toe. Dat komt onder andere door de verplichte groenbemesters en de zachte winters.'

Heel belangrijk is ook het juiste oogsttijdstip en de manier van oogsten. 'Voorkom voederwaardeverlies en overleg met de loonwerker, adviseert Groot Koerkamp. 'Als je mais oogst, weet je bovendien al wat voor gras je hebt ingekuild. Houd daar rekening mee en oogst de mais bijvoorbeeld bij structuurrijk gras wat droger.' Hij merkt dat veehouders bewuster mais gaan telen, ook al is er nog veel verbetering mogelijk. 'Veehouders weten vaak alles van koeien en melkproducties, maar niet hoeveel ton gras of mais ze per hectare oogsten.'

Vroeger hing de ruwvoerteelt bij veel veehouders er soms een beetje bij. Maar de Kringloopwijzer is een goede stimulans om bewuster te gaan telen, constateert de maisspecialist. Want daarmee worden de soms grote verschillen in VEM-opbrengsten duidelijk. Uit cijfers van accountants blijkt dat voerkosten ruwweg een derde van de kosten uitmaken van een liter melk. De grote verschillen in VEM-opbrengst geven dus ook grote financiële verschillen.

Voederbieten en winterveldbonen in opkomst

Winterveldbonen en voederbieten maken een snelle opkomst als krachtvoervervanger. Vorig jaar groeide er in de Benelux 200 hectare winterveldbonen, dit jaar zo'n 1.000 hectare. Groot Koerkamp: 'Melkveehouders zijn op zoek naar extra eiwit, omdat het eiwitgehalte in het gras afneemt en eiwit uit krachtvoer duur is. Nieuwe rassen winterveldbonen leveren tot 1.500 kilo meer per hectare dan zomerveldbonen. Het is nu een interessante teelt met een hoge eiwitopbrengst.'

In 2016 groeide in Nederland 700 hectare voederbieten. Groot Koerkamp verwacht een groei tot 1.000 hectare. 'Wie zoekt naar een derde gewas en tegelijk focust op een zo hoog mogelijke kVEM per hectare kan met deze teelt prima uit de voeten. Het is ook interessant voor veehouders die mest ruilen met akkerbouwers die de bieten als krachtvoer telen. Voederbieten geven een hoge ds-opbrengst met een VEM van gemiddeld 1.100.'Groot Koerkamp adviseert wel om echte voederbietrassen te zaaien; veredelde suikerbieten geven te veel suiker en meer tarra.

Peter van Houweling

Peter van Houweling

Peter van Houweling schrijft op freelancebasis artikelen voor Nieuwe Oogst

Contact