Nieuws

Rechter haalt streep door deel fosfaatreductieplan

UPDATE - Melkveehouders die een kort geding hebben aangespannen tegen de GVE-regeling zijn door de rechter in het gelijk gesteld. Het gaat hier om grondgebonden en biologische boeren en om boeren die voor de peildatum investeringen deden. Zij worden vrijgesteld van de regeling.

De rechter in Den Haag stelde alle 52 melkveehouders in de zes aangespannen zaken in het gelijk. De uitspraak betekent dat voor een deel van de melkveehouders het fosfaatreductieplan buiten werking wordt gesteld. Boeren startten om verschillende redenen een kort geding tegen de Staat. Zij vroegen hierin om de regeling voor hun bedrijfssituatie buiten werking te verklaren, omdat ze er onredelijk hard door worden getroffen.

Het gaat hierbij onder meer om ondernemers die voor de peildatum van 2 juli 2015 al investeringen hadden gedaan voor de uitbreiding van hun bedrijf. Door het maatregelenpakket dreigen zij niet meer aan hun financiële verplichtingen te kunnen voldoen. De voorzieningenrechter heeft de regeling voor deze melkveehouders buiten werking gesteld.

Omschakelaars

De rechter vindt dat deze melkveehouders er geen rekening mee hoefden te houden dat hun investeringen door de Regeling zouden worden getroffen. Het gaat hier om investeringen die zijn gepleegd in overeenstemming met de al vanaf 1 januari 2015 ingevoerde regelgeving voor de bevordering van grondgebonden groei; bedoeld om de mestproductie te beheersen

Ook de biologische melkveehouders (en omschakelaars) die een kort geding aanspanden zijn in het gelijk gesteld. De rechter oordeelt dat deze boeren niet bijdragen aan het fosfaat-overschot omdat zij onder de Europese normen blijven.

In een zaak kampte een biologisch gemengd bedrijf met een mesttekort, voor de landbouwtak. Volgens de rechter zou dit bedrijf extra nadeel hebben van de fosfaatreductieregeling.

Consequenties

Of de uitspraak van de kortgedingrechter consequenties heeft voor het verdere verloop van de regeling is op dit moment nog niet duidelijk. De Staat heeft de mogelijkheid om in hoger beroep te gaan tegen de uitspraken. Het ministerie van Economische Zaken kan nog niet inhoudelijk reageren op de uitspraken - zes in totaal - van de rechter. Een woordvoerder liet weten dat deze momenteel wordt 'bestudeerd'.

De uitkomsten van de procedures worden ook besproken binnen de sectororganisaties, zegt Kees Romijn, voorzitter Melkveehouderij van LTO Nederland. 'We bestuderen de uitspraken en de mogelijke consequenties daarvan. Dit zullen wij delen en bespreken met onze partners binnen ZuivelNL en NZO. Daarna kunnen er pas conclusies getrokken worden.'

De uitkomst van de rechtszaken geldt voorlopig alleen voor de melkveehouders die de procedures hebben aangespannen. Ondernemers die menen aanspraak te kunnen maken op eenzelfde uitzonderingspositie dienen dit schriftelijk kenbaar te maken aan de staatssecretaris. 'Door deze uitspraak moeten deze knelgevallen allemaal gecompenseerd worden', zegt hoogleraar Agrarisch Recht Willem Bruil.

Reparatie
Volgens Bruil kan de fosfaatreductieregeling wel gerepareerd worden, maar is dit niet eenvoudig. 'Het wordt het een lastige opgave om een voorziening te treffen voor de compensatie van deze boeren. Er moet voor deze groep snel een procedure komen waarmee ze zich kunnen aanmelden als knelgeval. Anders krijg je een hele boel kortgedingzaken.'

De hoogleraar wijst erop dat de boeren van de rechter niet in alles gelijk hebben gekregen. 'Ze stelden dat staatssecretaris Van Dam de GVE-regeling ten onrechte heeft gebaseerd op de Landbouwwet. De rechter ging hier niet in mee.'

'Van Dam moet snel met procedure komen voor knelgevallen'

Willem Bruil, hoogleraar Agrarisch Recht.
Peter Smit

Peter Smit

Peter Smit is redacteur Algemeen en Veehouderij. Hij volgt de melkveehouderij en afzetketen van agrarische producten.

Contact