Hoogleraar Jan Willem van Groenigen (r) en pormotiestudent Hannah Vos bij de wormenproeftuin.
Nieuws

Wormen werken in hotel voor bodem en milieu

Boeren werken te netjes. Ze zouden vaker wat stro en plantenresten op het land moeten achterlaten, want dat stimuleert het bodemleven. In Wageningen staat sinds kort een wormenhotel waar dat wordt onderzocht. 'Wormen kunnen chemische gebonden fosfaat beschikbaar maken.'

Aan de rand van de landbouwcampus in Wageningen is dit voorjaar een wormenhotel aangelegd. In vijftien vakken van 3 bij 3 meter huisvest hoogleraar Bodem-biogeochemie Jan-Willem van Groenigen de verschillende soorten wormen die hij gaat inzetten bij
zijn bodemonderzoek. Onlangs werd hij geïnaugureerd als persoonlijk hoogleraar (op persoonlijke titel) aan Wageningen University & Research.

Het wormenhotel is nog in de opstartfase. Het gras is pas ingezaaid. Verderop liggen zo'n 140 kleinere proefvakken. Daarin worden straks diverse mengsels van wormen uitgezet en onderzocht wat daarvan de gevolgen zijn voor de plantengroei. Hierbij zijn diverse omstandigheden na te bootsen, zoals bemestingsgraad en grasmengsels.

Hoge productie

'Het bodemleven in Nederland staat onder druk', zegt Van Groenigen. 'De afvoer van voedingstoffen voor wormen is hoog door de hoge productie. Ook concurreert de vraag naar biomassa met het bodemleven. We zien stro en plantenresten te snel als afval, terwijl ze belangrijke voedingstoffen bevatten voor de bodem.'

Het onderzoek van Van Groenigen richt zich op het positieve effect dat regenwormen kunnen hebben op de oogst. Hij richt zich daarbij op de intensieve landbouw, waar een hoge bemestingsgraad gepaard gaat met een hoge productie.
'Uit een analyse van eerdere onderzoeken blijkt dat grond met een gezonde wormenpopulatie gemiddeld een 26 procent hogere oogst kan opleveren, zonder deze te bemesten', legt de hoogleraar uit. 'Hoe meer gewasresten er achterblijven, hoe groter het effect.'

Uitkomsten van proeven in het laboratorium zijn in het wormenhotel op grote schaal na te bootsen. 'We gaan daar bijvoorbeeld onder realistische omstandigheden onderzoeken wat de bijdrage van wormen is aan de kringloop van fosfaat en stikstof.'

Fosfaat vrijmaken

Wormen zijn in staat om de grote reserves aan fosfaat in de bodem weer beschikbaar te maken voor de teelt van gras en gewassen, zegt Van Groenigen. 'Veel van het fosfaat dat in het verleden door overbemesting in de grond is aangebracht zit opgeslagen in de bodem. Doordat het chemisch gebonden is aan bodemdeeltjes, is het niet beschikbaar voor de plant. Wormen zijn in staat om fosfaat tijdelijk weer vrij te maken. Wij onderzoeken of met meer wormen in grond ook op de langere termijn meer fosfaat opnieuw beschikbaar komt.'

Uit eerdere onderzoeken was bekend dat wormen de bodem vruchtbaarder maken door het afbreken van organische stof. 'De positieve bijdrage aan het vrijmaken van fosfaat uit overbemesting wordt in natuurlijke systemen over het hoofd gezien. Daar kom je alleen achter als je als bodemecoloog nauw samenwerkt met bodemchemici en landbouwkundigen.'

Naast de fosfaathuishouding en productieverhoging richt het Wageningse onderzoek zich ook op de verliezen in de bodem naar het milieu. 'We gaan met veldproeven ook kijken naar de effecten van verschillende gras- en wormenmengsels op de uitstoot van lachgas naar de atmosfeer. Daarnaast kijken we naar wat verschillende wormenmengsels doen in de bodem.'

Lange adem

De veldproeven worden uitgevoerd in samenwerking met promotiestudent Hannah Vos. Het wormenonderzoek zal een lange adem vergen van Van Groenigen en Vos. Doorgaans staat daar zo'n vijf jaar voor, zegt de hoogleraar.

'Als bodemecoloog moet je voorzichtig zijn met uitspraken als dat de landbouw moet leren van de natuur. Natuur is prachtig en fascinerend, maar ook meedogenloos en oneerlijk. En dus niet altijd zaligmakend. De landbouw is rationeel, kunstmatig. Die twee systemen hebben zeker raakvlakken, maar zijn in de basis geheel verschillend. Als we de natuur precies proberen te kopiëren, dan kunnen we ook mooie kansen missen als bodemecologen.'

Peter Smit

Peter Smit

Peter Smit is redacteur Algemeen en Veehouderij. Hij volgt de melkveehouderij en afzetketen van agrarische producten.

Contact