Er is behoefte aan onafhankelijk onderzoek en dat vraagt om meer collectiviteit.
Achtergrond

'Tekort collectief geld gaat ten koste van innovatie'

Het collectief praktijkonderzoek in de akkerbouw ligt al jaren aan het infuus. Er stroomt alleen wat geld uit oude potjes van het Productschap Akkerbouw door. 'Als er geen nieuw collectief geld komt, gaat dat ten koste van de innovatie', zegt Ernst van den Ende van Wageningen University & Research.

De financiering van het collectieve onderzoek via de productschappen is met het opheffen van het ministerie van Landbouw in 2010 in verval geraakt. 'Het laatste normale jaar was 2012. In 2013 en 2014 begon de afbouw. Heel jammer en schadelijk voor de sectoren', zegt Ernst van den Ende, sinds 2009 directeur van de Plant Sciences Group van Wageningen University & Research.

Volgens Van den Ende was de kritiek op de productschappen destijds terecht. 'Een reorganisatie was nodig. Maar we hebben het kind met het badwater weggegooid. Opheffing heeft niet op basis van de juiste argumenten plaatsgevonden. De grote meerderheid heeft zich stilgehouden. Tijdens de discussie kwamen op een gegeven moment alleen maar tegenstanders aan het woord.'

Stengelaaltjes

Van den Ende herinnert zich een bollenteler die tijdens de discussie aangaf niet mee te willen betalen aan onderzoek naar stengelaaltjes. 'Hij paste nettenteelt toe, een teeltwijze die tot stand is gekomen door collectief onderzoek. Dat soort onderzoek kunnen bedrijven niet zelf initiëren.'

Er is behoefte aan onafhankelijk onderzoek en dat vraagt om meer collectiviteit

Ernst van den Ende, Wageningen University & Research

Met het opheffen van de productschappen zijn er oude schoenen weggegooid voor er nieuwe waren. 'Het verdwijnen van de productschappen is slecht voor de sectoren, want er is geen collectiviteit meer voor financiering van onafhankelijk onderzoek. Het tempo en de massa van dat soort onderzoek loopt daardoor terug. Juist door collectiviteit zijn in het verleden grote stappen gezet', zegt Van den Ende.

Er is behoefte aan onafhankelijk onderzoek en dat vraagt om meer collectiviteit.

Oplossing

De oprichting van Brancheorganisatie Akkerbouw (BO Akkerbouw) in combinatie met verplichte bijdragen leek de oplossing om onderzoek te blijven financieren. Het plan was om bij alle telers gemiddeld 500 euro per bedrijf op te halen, goed voor 3,3 miljoen euro per jaar over een periode van vijf jaar.

Minister Henk Kamp van Economische Zaken heeft de activiteiten van BO Akkerbouw bindend verklaard. Dat betekent dat de afspraken ook gelden voor niet-leden van LTO of de Nederlandse Akkerbouw Vakbond (NAV).

Er is behoefte aan onafhankelijk onderzoek en dat vraagt om meer collectiviteit.

Areaalgegevens

De brancheorganisatie kreeg echter geen medewerking van het ministerie bij het verkrijgen van machtigingen van telers om gebruik te mogen maken van de areaalgegevens die telers beschikbaar stellen aan de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).

Het bestuur van BO Akkerbouw probeert de voortgang erin te houden, maar dat valt niet mee. Gezien de discussie met het ministerie van Economische Zaken is een flink aantal projecten die in 2016 goedgekeurd waren, nog niet gestart.

Verplichte bijdragen

'Projecten die wel doorgaan, financiert BO Akkerbouw uit de verplichte financiële bijdragen en uit overgedragen gelden van het voormalige Productschap Akkerbouw', legt Jan Wielemaker van BO Akkerbouw uit.

Maar de beschikbare financiële middelen van BO Akkerbouw worden steeds beperkter, geeft Wielemaker aan. 'Als er van de kant van het ministerie van Economische Zaken geen structurele oplossing komt, moeten we steeds scherper prioriteren en nog dieper snijden. Er zullen dan nog meer gaten vallen.'

Financiële krapte

De financiële krapte blijkt ook uit een rapport van april 2017 van het ministerie van Financiën in opdracht van het ministerie van Economische Zaken. Dit rapport geeft de financiële omvang weer van het collectieve onderzoek door Wageningen University & Research.

Productschap Akkerbouw heeft volgens deze cijfers de volgende bedragen uitgegeven: 814.412 euro in 2013, 193.298 euro in 2014, 43.277 euro in 2015 en nog maar 26.105 euro in 2016.

3,3 miljoen euro

BO Akkerbouw had de intentie om vanaf 2015 tot 2020 jaarlijks 3,3 miljoen euro in collectief onderzoek te investeren. Dat is niet gelukt. Uit het rapport van het ministerie van Financiën blijkt dat BO Akkerbouw in 2015 en 2016 respectievelijk 87.000 euro en 305.000 euro investeerde in collectief onderzoek uitgevoerd door Wageningen University & Research.

Het totaalbedrag voor praktijkonderzoek is volgens BO Akkerbouw hoger, maar geen 3,3 miljoen euro per jaar. Uit eigen cijfers blijkt dat het gaat om circa 0,6 miljoen euro in 2015, 0,7 miljoen euro in 2016 en 2,2 miljoen euro dit jaar.

Aardappelmoeheid

'De bedragen zijn op basis van in het betreffende jaar aangegane verplichtingen. In sommige gevallen gaat het om een budget voor meerdere jaren. Het relatief hoge budget dit jaar komt door het Plan van Aanpak voor aardappelmoeheid voor meerdere jaren met een budget van 1,21 miljoen euro', legt Wielemaker uit.

Het bestuur van BO Akkerbouw heeft voor 2017 in eerste instantie een bedrag van 1,3 miljoen euro goedgekeurd. Gelet op de financiële onduidelijkheid is later besloten voor slechts een bedrag van 0,5 miljoen euro verplichtingen aan te gaan. Aanvullend is later groen licht gegeven voor nog eens drie projecten. Zo komt het totaal uit op circa 2,2 miljoen euro.

Schakel

Van den Ende heeft goede hoop dat BO akkerbouw het dieptepunt heeft gehad. 'Er is behoefte aan onafhankelijk onderzoek en dat vraagt om meer collectiviteit. We missen nu het middenstuk, de schakel tussen wetenschappelijk onderzoek en de telers. Denk aan het gebruik van big data, robots en inhoudstoffen.'

• Lees meer hierover deze zaterdag in Nieuwe Oogst

Han Reindsen

Han Reindsen

Han Reindsen is redacteur Akker- & Tuinbouw. Hij volgt de akkerbouw, mechanisatie. en vollegrondstuinbouw

Contact