Wie Nederlandse prijsvorming wil voor melk, moet een deel van de productie afschermen.
Ingezonden

Kan elke boer winnen bij belactie?

Milieudefensie voert actie voor een 'eerlijker' melkprijs. Maar wat als er naast een betere prijs voor een deel van de melk ook een 'oneerlijke' prijs zal zijn?

'Na acties tegen de kiloknaller en de legbatterij richten milieuorganisaties nu hun pijlen op de productie van melk. Die moet diervriendelijker en groener. En boeren verdienen een hogere prijs.' Met die woorden leidde Trouw de actie van Milieudefensie in om supermarkten vanuit een openluchtcallcenter door consumenten 'plat te bellen'. Doel: een eerlijker melkprijs afdwingen voor Nederlandse boeren.

Op Foodlog is de zin van dergelijke acties al vaak besproken. Omdat Nederlandse melk over de hele wereld wordt verkocht en slechts voor zo'n 20 procent in Nederland wordt geconsumeerd, vindt de prijsvorming niet hier plaats. Wie Nederlandse prijsvorming wil, moet een stukje van de productie afschermen en gescheiden verwerken.

Niet ingericht

Op dat laatste zijn de zuivelverwerkende fabrieken van de grootste verwerkers in ons land, zoals FrieslandCampina, niet ingericht. Kleinere als Cono Kaasmakers en Rouveen Kaasspecialiteiten zouden het wel kunnen.

Maar daarmee zijn we er nog niet. Het zou ook betekenen dat vier op de vijf Nederlandse melkveehouders van deze 'eerlijke melk' moeten worden uitgesloten, omdat een boer niet een beetje 'betere Nederlandse melk' en een ander een beetje 'exportmelk' kan maken. Een boer heeft één stal, één kudde, één melktank en één melkophaler, die het naar één fabriek brengt. Hij kan geen onderscheid maken in zijn bedrijfsvoering.

CBL

De koepel van Nederlandse supermarktorganisaties CBL protesteerde met een advertentie in de landelijke dagbladen tegen de actie van Milieudefensie en bracht een persbericht naar buiten. Daarin schrijft het CBL dat Milieudefensie niets begrijpt van de situatie.

De advertentie geeft vermoedelijk aan dat het CBL, ondanks de terechte kritiek op Milieudefensie, toch een beetje bang is voor het effect op de publieke opinie. De plofkip verdween uit de Nederlandse supermarkten en leidde, zoals het CBL zegt, inderdaad tot problemen met de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa), die vond dat supermarkten geen prijs- en productafspraken mogen maken.

Bang

Niettemin is er een aparte stroom kippen voor Nederlandse supermarkten op gang gekomen en raakte de gewone snelgroeiende kip definitief in diskrediet. Wie daar het meest bang voor moeten zijn, zijn de 80 procent boeren die straks buiten de boot vallen voor een afgezonderd en goed gereguleerd aanbod.

Dat het laatste een must is, heeft de Dierenbescherming die graag sterren wil leveren voor de eerlijke melk waar Milieudefensie voor ijvert, immers geleerd. Er is een overaanbod van sterrenvarkens door gebrek aan merkregulering.

Sterrenmelk

Als de organisatie samen met zuivelverwerkers sterrenmelk gaat vormgeven voor de Nederlandse markt, zitten de boeren die aan zo'n concept mogen deelnemen op rozen omdat mag worden aangenomen dat de Dierenbescherming geleerd heeft en aanbod zal gaan reguleren.

De collega's van die blije boeren zijn aan de haaien van de internationale markt overgeleverd. Niettemin sprak voorzitter Kees Romijn van LTO-vakgroep Melkveehouderij onlangs zijn sympathie uit voor acties die tot een betere melkprijs voor Nederlandse boeren leiden.

Bos insturen

Wie op deze wijze uitvoering aan die wens wil geven, stuurt vier op de vijf Nederlandse melkboeren het bos in. Slechts een op iedere vijf melkboeren kan op de rozen van de Nederlandse markt zitten.

De vraag bij deze actie is dan ook: welk paar klompen willen we in Nederland houden en wie zadelen we op met een 'oneerlijke prijs'? Er is immers maar plaats voor één paar. De andere vraag is: willen we die keuze laten maken door de supermarkten, Milieudefensie, Dierenbescherming of moeten de boeren daar zelf voor zorgen?

Dick Veerman
hoofdredacteur Foodlog