Minder+chemie+in+de+land%2D+en+tuinbouw
Nieuws
© eigen foto Kverneland

Minder chemie in de land- en tuinbouw

'De land- en tuinbouw moet naar minder chemie. Het gebruik van kunstmest moet terug naar een hulpstof. Het moet niet de bepalende stof zijn', vindt Hans Huyberts, LTO-portefeuillehouder Duurzaamheid. Hij zei dit op de Dag van de Duurzaamheid, dinsdag in Wageningen, die vooral in het teken stond van terugwinning van nutriënten.

Huyberts wijst erop dat de land- en tuinbouw in de periode 1990-2014 het kunstmestgebruik ongeveer heeft gehalveerd. Het gebruik kan nog verder terug wanneer kunstmestvervangers uit alternatieve producten, zoals mineralenconcentraat en spuiloog, in de plaats kunnen komen van kunstmest.

'Dierlijke mest gebruiken als grondstof voor een kunstmestvervanger is beter dan andere mineralenstromen gebruiken voor kunstmest', zegt Huyberts. LTO hoopt dat er in het kader van het zesde Actieprogramma Nitraatrichtlijn meer mogelijkheden komen voor kunstmestvervangers. 'LTO wil de gebruiksnormen niet verhogen, maar boven de 170 kilo stikstof uit dierlijke mest een extra uitloop realiseren voor kunstmestvervangers.'

Bij het maken van kunstmestvervangers gaat het onder andere om het scheiden van de dikke en dunne fractie die apart zijn aan te wenden op het meest geschikte moment. 'Wat dat betreft is drijfmest voor Nederland een ramp, wat we tot en met vandaag niet hebben opgelost. Qua arbeid is drijfmest een goede oplossing, maar mondiaal een fout systeem', zegt de LTO-bestuurder.

'Er zijn maar weinig bedrijven die geld verdienen aan mest'

Wilbert Menkveld, Nijhuis Industries

Huyberts merkt dat politici in Brussel op twee manieren naar de Nederlandse landbouw kijken. Kritisch als het gaat om het mestverschot en de mogelijke gevolgen voor het milieu. Tegelijk is de nutriëntenbenutting in Nederland een voorbeeld voor veel andere EU-landen.

Rijenbemesting

Rijenbemesting in combinatie met het gebruik van reststromen kunnen zorgen voor een nog efficiëntere benutting van mineralen en een geringere milieubelasting. Producten als mineralenconcentraat, urean en spuiwater hebben een lagere CO2-voetafdruk dan kunstmest. Wie tegelijk rijenbemesting toepast, kan de efficiëntie van de bemesting verhogen.

Herre Bartlema van het Netwerk Smart Fertilization heeft in de jaren 2010-2015 hard gewerkt aan de ontwikkeling en het gebruik van rijenbemesting. 'Op dit moment heeft zo'n 20 procent van de boeren precisiebemesting geadopteerd. Het begin aan te slaan omdat het een rationeel concept is.'

Slim bemesten betekent een meststof in de juiste vorm, op het goede moment, op de juiste plaats en op de goede plek toedienen. Volgens Bartlema bij voorkeur met reststoffen. Bijvoorbeeld met een simpele machine met een slangenpompje ('een Lada') of een machine van Kverneland ('een Rolls-Royce') voor plaatsspecifiek zaaien en bemesten. Bartlema: 'Met Smart Fertilization kunnen we de meststoffen dichter bij de wortels plaatsen en daar de concentratie verhogen. Per saldo is er dan minder mest nodig. Het levert de boer een besparing op en zorgt voor minder emissie en uitspoeling.'

Rioolslib

Er zijn al diverse initiatieven om meststoffen uit restproducten te maken. Waterschap Vallei & Veluwe wil 40 procent van het fosfaat uit rioolslib terugwinnen. Het Canadese bedrijf Ostara heeft een installatie gebouwd waarmee uit slib het kunstmestproduct Crystal Green is te maken. In Engeland hebben akkerbouwers belangstelling voor het product. 'Het heeft een prijs van 300 euro per ton. Dat hadden we niet kunnen dromen', zegt Henry van Veldhuizen van waterschap Vallei & Veluwe.

De groene mineralencentrale Groot Zevert in Beltrum (Achterhoek) richt zich vooral op minder transportkosten. De techniek is zodanig dat 60 tot 80 procent van het water uit de 100.000 ton varkensdrijfmest schoon genoeg is om op het oppervlaktewater te lozen. Daarnaast produceert de centrale mineralenconcentraat en organische stof met een laag fosfaatgehalte.

'Volgens de Nitraatrichtlijn vallen alle stikstofbevattende producten uit dierlijke mest onder de wettelijke gebruiksnorm voor dierlijke mest. Dus onder de 170 kilo stikstof per hectare of bij derogatie 230 of 250 kilo. Dat is jammer', zegt Oscar Schoumans van Wageningen UR. Door deze situatie gaan veel waardevolle grondstoffen uit dierlijke mest de grens over en moeten boeren die deels via kunstmest weer aankopen. Daarom pleit LTO voor terugwinnen van mineralen uit dierlijke mest als kunstmestvervanger.

Regelgeving en een overschot aan drijfmest zijn op dit moment factoren die het gebruik van producten als mineralenconcentraat remmen. 'Er is vrijstelling nodig voor gebruik als kunstmest', zegt Kees Kroes van LTO Noord Projecten. Hij is betrokken bij een project om in de Achterhoek het gebruik van kunstmest te beperken.

Nijhuis Industries bouwt installaties voor mestbewerking. 'Met uitzondering van transportbedrijven zijn er maar weinig bedrijven die geld verdienen aan mest. Dat komt omdat 90 procent water is', zegt Wilbert Menkveld van Nijhuis Industries. Zijn advies: 'Regel de achterkant goed. Je moet de afzet en de kwaliteit waarborgen.'

Weer

  • Vrijdag
    6° / -1°
    20 %
  • Zaterdag
    4° / 1°
    70 %
  • Zondag
    4° / 2°
    40 %
Meer weer
@nieuweoogst.nu