Tapken+wil+weten+wat+er+bij+AM%2Dbesmetting+speelt
Reportage
© Han Reindsen

Tapken wil weten wat er bij AM-besmetting speelt

Theo Tapken uit Musselkanaal neemt deel aan het project 'Veenkoloniale AM precies in beeld'. Hij deed al veel om aardappelmoeheid onder controle te houden, maar wil er nog meer over weten. 'Want je bent nooit te oud om te leren.'

'Op mijn akkerbouwbedrijf laat ik de percelen regelmatig bemonsteren om te zien wat er qua aardappelmoeheid aan de hand is. Gezien het ras verwacht ik soms dat de AM-besmetting naar beneden gaat en dan zie ik toch dat deze naar boven gaat. Er is dan iets vreemds aan de hand', zegt Tapken.

In de Veenkoloniën komen akkerbouwers de laatste jaren op steeds meer plekken na de teelt van hoogresistente aardappelen te hoge besmettingen van aardappelmoeheid tegen. De oorzaak is een toename van de virulentie van de AM-populatie. Dit leidt soms tot duidelijk zichtbare valplekken.

Rassenkeuzetoets

Op een besmette plek heeft Tapken nog niet zo lang geleden een bemonstering in combinatie met een rassenkeuzetoets laten uitvoeren. 'Vlak daarnaast is er per ongeluk ook gekozen voor een rassenkeuzetoets. Op de ene plek had ik precies het goede ras gekozen, ernaast niet. De virulentie van AM-populaties kunnen op perceelsniveau binnen een bedrijf verschillen.'

De grote bottleneck van dit project kon wel eens het rassenverhaal zijn

Theo Tapken, akkerbouwer in Musselkanaal

Toen het HLB in Wijster met informatie kwam over het project 'Veenkoloniale AM precies in beeld' hoefde de ondernemer niet lang na te denken. 'Interessant. Ik doe mee, daar kan ik wat mee.' Bij dit project begeleidt het HLB telers in het monitoren van percelen en het maken van keuzes om de impact van de nieuwe virulente AM-besmettingen te reduceren.

Leeftijd

Zijn leeftijd van 59 jaar is voor Tapken geen reden om niet aan het driejarige project deel te nemen. 'Ik moet nog even doorgaan met het bedrijf en dat wil ik qua teelt en opbrengst zo goed mogelijk doen.'

Dit eerste jaar staat vooral in het teken van het in kaart brengen van welke informatie per perceel bekend is. Telers moesten hiervoor van minimaal vijf percelen recente AM-uitslagen hebben. Voor Tapken was dat geen probleem. 'Voor elke teelt aardappelen laat ik plekken bemonsteren waar je qua AM wat kunt verwachten, zoals een droge zandkop.'

Geschiedenis

Met de huidige ontwikkeling van virulentere AM-populaties is de akkerbouwer blij dat hij al geruime tijd percelen laat bemonsteren en zo een geschiedenis heeft opgebouwd. 'Ik kan nu beter constateren of een bepaald ras geschikt of minder gevoelig is.'

Het project helpt telers om bij de teelt van zetmeelaardappelen verder vooruit te kijken en dat spreekt Tapken aan. 'Met de bemonstering kijk je ook naar de soortbepaling bij AM en wat voor rassen voor het perceel geschikt zijn. Daarna bemonster je weer om te kijken of de besmetting naar beneden of toch naar boven is gegaan. Op basis daarvan kun je beslissen wat je over twee jaar gaat doen.'

Normaal gesproken laat de ondernemer de grond bemonsteren vlak voor de teelt van zetmeelaardappelen. 'In het kader van dit project prikken we nu ook gelijk na de oogst van zetmeelaardappelen. Je krijgt dan een goed beeld van wat een bepaald ras heeft gedaan met de AM-populatie.'

Vier rassen

Dit jaar heeft de Veenkoloniale akkerbouwer de rassen Altus, BMC, Avarna en Seresta geteeld. 'Ik kijk altijd al naar opbrengst, bewaarbaarheid en resistenties. In het kader van dit project houd ik nadrukkelijker rekening met AM-populaties. Ik denk dat we tot de conclusie komen dat we te weinig goede rassen hebben en veredelaars aan het werk moeten. De grote bottleneck van dit project kon wel eens het rassenverhaal zijn.'

Tapken gaat ervan uit dat hij in het kader van het project soms afscheid zal moeten nemen van een bepaald ras. 'Ik koop het pootgoed aan. Als ik op basis van de rassenkeuzetoets een ander ras zou moeten telen, moet ik kijken of ik kan switchen en het juiste pootgoed kan krijgen. Als je als teler zelf het pootgoed vermeerdert, moet je twee à drie jaar vooruitdenken.'

Honderd deelnemers

In dit eerste jaar hebben zo'n honderd telers aan het project deelgenomen. Op basis van de eerste ervaringen komt het HLB tot de conclusie dat er grote verschillen in virulentie van AM-populaties op perceelsniveau binnen een bedrijf kunnen worden gevonden. 'Soortbepaling is bij AM-besmettingen in het zetmeelaardappelgebied ook zeer belangrijk', zegt Egbert Schepel van het HLB.

Bij de rassenkeuzetoetsen zijn voor bijna alle getoetste percelen wel één of twee rassen in de 'beste groep' tegen deze virulente populaties gevonden, weet Schepel. 'Veel verschillende resistente rassen kunnen op een G. pallida-besmet perceel als beste ras worden getest.'

Aanmelden

De onderzoeker wijst erop dat akkerbouwers uit het Veenkoloniale gebied zich nog steeds kunnen aanmelden voor het project, dat wordt ondersteund door het 'Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling: Europa investeert in zijn platteland'.

Weer

  • Zondag
    7° / -1°
    10 %
  • Maandag
    6° / 2°
    20 %
  • Dinsdag
    4° / 2°
    20 %
Meer weer
@nieuweoogst.nu