Bietenteler+wordt+op+wenken+bediend
Achtergrond
© Huisman Media

Bietenteler wordt op wenken bediend

Noud van Swaaij en Martijn Leijdekkers, projectleiders van het rassenonderzoek bij bieteninstituut IRS, behandelen voor Nieuwe Oogst de trends in de veredeling van suikerbietenrassen. Ook gaan ze in op de belangrijkste factoren die de rassenkeuze bepalen voor de Nederlandse bietenteler.

Breed palet aan resistenties beschikbaar

Als het gaat om de beschikbaarheid van bietenrassen met de juiste resistenties, dan wordt de Nederlandse bietenteler op zijn wenken bediend. Naast de aanvullende resistentie voor rhizomanie en betere rassen met resistentie tegen rhizoctonia, constateert Martijn Leijdekkers van bieteninstituut IRS dat ook rassen met bietencysteaaltjesresistentie (bca-resistentie) inmiddels qua financiële opbrengst niet meer onderdoen voor standaardrassen, ook op percelen zonder besmetting.

'Het maakt de keus om over te stappen op aaltjesresistente rassen gemakkelijker', vindt de rassenspecialist van het IRS. Wel wijst hij erop dat bietentelers het beste hun percelen voorafgaand aan de teelt van suikerbieten kunnen laten onderzoeken op aaltjes. 'Bij een zware besmetting geven ook de partieel resistente rassen geen goede resultaten. Het is dan beter om op een ander perceel de suikerbieten in te zaaien.'

Naast de rassen met een dubbele resistentie kunnen bietentelers dit jaar weer beschikken over een nieuw ras met resistentie tegen zowel rhizomanie, rhizoctonia als bietencysteaaltjes. Het aandeel van drievoudig resistente rassen was dit jaar slechts 2 procent. De vraag beperkt zich volgens Leijdekkers tot de rhizoctoniagebieden met incidenteel druk van bietencysteaaltjes.

Goed waarnemen in het veld en op basis daarvan een bestrijding uitvoeren blijft de beste methode om bieten lang groen te houden

Martijn Leijdekkers, projectleider rassenonderzoek IRS

Meer keuze aanvullend rhizomanieresistentie

Op de nieuwe rassenlijst voor suikerbieten staan dit jaar vier nieuwe rassen met aanvullende resistentie tegen nieuwe varianten van rhizomanie, zoals het AYPR-type. 'Het areaal met doorbraken van de standaardresistentie neemt jaarlijks toe', stelt Noud van Swaaij van het IRS. 'Het is opmerkelijk dat gebieden in Flevoland en Zeeland waar bijna dertig jaar geleden voor het eerst rhizomanie werd vastgesteld, nu ook als eerste worden geconfronteerd met de nieuwe varianten van deze bodemziekte.'

Van Swaaij zegt dat er nog geen biotoets beschikbaar is om vast te stellen of er op een in te zaaien perceel sprake is van een nieuwe variant van rhizomanie. 'Bietentelers moeten op basis van hun eigen ervaring en de ziektedruk in de regio bepalen of aanvullende resistentie gewenst is. Overigens doen de rassen met aanvullende rhizomanieresistentie qua teeltresultaten weinig meer onder voor de standaardrassen.'

Grootste opbrengstwinst door wortelproductie

Betere bietenrassen zorgen voor hogere opbrengsten. Deze genetische sprong voorwaarts is vooral toe te rekenen aan de wortelproductie. 'Suiker Unie introduceerde de kreet 18-90 om te komen tot een opbrengst van 16,2 ton suiker per hectare. Maar het lijkt erop dat we eerder afstevenen op 17-95, dus gemiddeld een opbrengst van 95 ton suikerbieten met 17 procent suiker', stelt Leijdekkers.

In de veredeling, maar ook in de teelt is het op dit moment gemakkelijker om meer tonnen van een hectare te oogsten dan het verhogen van het suikergehalte. 'Het ligt niet voor de hand dat we binnen nu en twee jaar bieten oogsten met gemiddeld 18 procent suiker. Overigens zien we wel dat de bieten geleidelijk zoeter worden, maar dit betreft een lichte stijging', aldus Leijdekkers.

Herbicidetolerante rassen in onderzoek

Middelenfabrikant Bayer en zaadfirma KWS kondigden vorig jaar aan dat ze bezig zijn met het project 'Conviso-Smart'. Dit betreft een teeltsysteem met bietenrassen die tolerant zijn voor een specifieke groep herbiciden. De verwachting is dat de herbicidetolerante suikerbieten voor teelt in Nederland op zijn vroegst beschikbaar komen in 2020.

Leijdekkers zegt dat de herbicidetolerante rassen vorig jaar voor het eerst in het rassenonderzoek van het IRS zijn opgenomen. 'Deze rassen draaien gewoon mee in ons onderzoek en we beoordelen ze op dezelfde manier als alle andere nieuwe rassen.'

Opwaardering rhizoctoniaresistente rassen

Vier nieuwe rassen zorgen bij de rhizoctoniaresistente rassen voor een serieuze verbetering van de opbrengsten. 'Dit segment zat zeker te wachten op een genetische opwaardering', stelt Van Swaaij. 'Van een indexcijfer 96 voor de financiële opbrengst van het meest verkochte ras van afgelopen jaren maken we een sprong naar 103 en 104.'

Volgens Van Swaaij hebben in de voorgaande jaren maar weinig selecties met rhizoctoniaresistentie de eindstreep gehaald. 'Een voorwaarde in dit segment is dat een nieuw ras nooit gevoeliger mag zijn voor rhizoctonia dan de standaard van dat moment.' Het aandeel rhizoctoniaresistentie in de rassenkeuze voor suikerbieten was afgelopen jaar circa 28 procent. 'Dit zal niet minder worden de komende jaren, maar ook niet snel veel groter', zegt Van Swaaij.

Geen voorspelling rasgevoeligheid bladschimmels

Het IRS doet onderzoek naar methoden om vast te stellen hoe het is met de rasgevoeligheid voor de belangrijkste bladschimmels cercospora, stemphylium, meeldauw, ramularia en roest. 'We krijgen hier veel vragen over', erkent Leijdekkers. 'In de praktijk en op proefvelden zien we verschillen. Maar vooralsnog zijn die erg perceels- en jaarafhankelijk en ook per schimmel verschillend.'

Volgens Leijdekkers is het nog te vroeg voor het IRS om te voorspellen welk ras de minste kans op bladvlekken geeft. 'Goed waarnemen in het veld en op basis daarvan een bestrijding uitvoeren blijft de beste methode om bieten lang groen te houden. De gevoeligheid van de rassen blijven we wel volgen.'

Weer

  • Donderdag
    3° / 0°
    10 %
  • Vrijdag
    1° / -2°
    10 %
  • Zaterdag
    1° / -3°
    20 %
Meer weer