Emissieaanpak+bij+de+bron+beter+voor+varken
Achtergrond
© Bert Jansen

Emissieaanpak bij de bron beter voor varken

Toen Hans Verhoeven in 2011 de vergunning voor een nieuwe vleesvarkensstal binnen had, ging hij niet direct aan de slag. De verplichting om een luchtwasser te plaatsen zag hij niet zitten. Liever pakte hij de emissie bij de bron aan. 'Dat levert voordeel op voor de varkens en voor de boer. De 'Stal van de toekomst' draait al 3 jaar als een tierelier.'

De geschiedenis van Verhoeven zijn 'Stal van de toekomst' in Valkenswaard gaat terug tot 1996. Toen bouwde hij zijn eerste proefstal met een klein emitterend oppervlak. De uitstoot kwam op 1,4 kilo ammoniak per vleesvarkensplaats, voldoende voor de Groen Label-status.

'In die stal kunnen we tot op heden prima varkens grootbrengen. Het draait niet alleen om een lagere uitstoot, het stalklimaat is ook beter voor de varkens en voor de mens.'

In de loop der jaren groeide het varkensbedrijf van Hans en Diny Verhoeven en verbeterden de dierprestaties. 'Op een gegeven moment was er nieuwbouw nodig voor 1.400 vleesvarkens om weer een gesloten bedrijfsvoering te krijgen.' Omdat ammoniak en geur beperkende factoren waren, moest gekozen worden voor een chemische luchtwasser met 95 procent reductie.

'De extra investering verdien ik dik terug door besparingen'

Varkenshouder Hans Verhoeven

Gevoel niet goed

Tijdens de vergunningprocedure bezocht Verhoeven stallen van collega's met luchtwassers. Hij zag en hoorde steeds meer nadelen van het wassen van stallucht. Toen de vergunning in 2011 binnen was, had de varkenshouder er geen goed gevoel meer bij.

'Liever geen stal, dan een stal die ik niet wil', stelt hij. 'Centrale afzuiging en de luchtwasser vergen een flinke investering. Ook verbruikt een wasser veel energie, is regelmatig onderhoud nodig en komt er spuiwater vrij dat afgezet moet worden. Bovendien hebben de dieren en ikzelf er in de stal niks aan. De varkens presteren eerder minder dan beter', vindt Verhoeven

In 2013 nam de ondernemende varkenshouder op persoonlijke titel deel aan de Ruwenbergconferentie. Twee dagen lang spraken betrokkenen uit alle diersectoren, milieugroeperingen, ZLTO en provincie over de toekomst van de agrofood-sector in Noord-Brabant.

'Toen Diny vroeg hoe het was, antwoordde ik: 'De standpunten liggen ver uit elkaar. We investeren als sector flink in maatregelen, maar krijgen niet het voordeel van de twijfel', vat Verhoeven samen.

Punt was dat de ontwikkeling van emissiearme stalsystemen stilstond omdat bedrijven de ontwikkelingskosten niet konden terugverdienen. Voor Verhoeven bleef er maar één optie over: een proefstal bouwen. 'Doel was dezelfde emissiereductie behalen als een stal met een luchtwasser, maar dan met emissiebeperkende maatregelen binnen de stalmuren.'

80 procent reductie

Het bleek niet haalbaar om een 'Stal van de toekomst' te ontwerpen met 95 procent reductie van de ammoniakuitstoot. 'We mikten in eerste instantie op een uitstoot van 0,45 kilo ammoniak per dierplaats', vertelt de ondernemer. 'Dat bleek te hoog gegrepen. Uiteindelijk zijn we uitgekomen op een ontwerp waarmee een emissie van 0,5 kilo ammoniak, ruim 80 procent reductie, mogelijk moet zijn. November 2013 startte de bouw en juni 2014 lagen de eerste vleesvarkens erin.'

Het principe van de emissiearme stal is gebaseerd op een mestpan met een klein emitterend oppervlak en koeling van de mest. Om de uitstoot verder te beperken wordt de mestpan vaak geleegd en wordt er een laagje water in teruggepompt.

Dagelijks vloer spoelen

Met het verwijderen van mest is flink geëxperimenteerd. Wekelijks ontmesten werkte niet; de dikke mest bleef te veel achter. Uiteindelijk bleek dagelijks spoelen met mest het beste te werken. De dagverse mest gaat vervolgens naar een monovergister die daardoor een hoge biogasproductie behaalt.

Na de laatste aanpassingen in het spoelsysteem is de emissie nog niet officieel gemeten. Eigen metingen komen uit op 6 ppm (parts per million) ammoniak en 1000 ppm CO2. 'In een normale vleesvarkensstal zijn die waarden zeker drie keer zo hoog.' De lage emissie komt ook doordat de varkens de hokken met 60 procent dichte vloer goed schoonhouden. Daartoe zijn allerhande maatregelen genomen.

De vloeren worden gekoeld of verwarmd via drie aparte watercircuits. Hierdoor is de vloertemperatuur af te stemmen op de behoefte van de varkens. Bij opleg wordt het mestgedrag gestuurd door onder meer op de dichte vloer voer te verstrekken. Belangrijk is volgens Verhoeven ook een goed werkend ventilatiesysteem. 'Verse lucht moet direct bij de dieren komen.'

3,5 rondes per jaar

Resultaat is dat de vleesvarkens goed groeien bij een lage voederconversie in deze stal met proefstatus. Sinds de ingebruikname is er geen antibiotica gebruikt. Verhoeven: 'Varkenshouders geloven meestal niet dat ze zo hard groeien, dus ik noem liever geen cijfers.'

In de 'Stal van de toekomst' draait de varkenshouder 3,5 rondes per jaar. De levensgroei, dus van geboorte tot afleveren, komt uit op 800 gram per dag. Dat komt mede door de goede start van de biggen in de opfok, geeft Verhoeven aan. Gespeend wordt er op vijf weken leeftijd. 'Ook maken we veel pleegzeugen, zodat de biggen op zeugenmelk kunnen groeien.'

Dat de 'Stal van de toekomst' duurder is bij de bouw dan een conventionele stal, is volgens de varkenshouder dan ook geen issue. 'Dat verdien ik dik terug door de besparing op de kosten van onder meer voer, energie en dierenarts. Je moet kijken naar de jaarkosten van een stal en naar de totaalresultaten van de varkens. Die zijn veel beter.'

Weer

  • Donderdag
    12° / 2°
    10 %
  • Vrijdag
    11° / 1°
    10 %
  • Zaterdag
    9° / 0°
    10 %
Meer weer
@nieuweoogst.nu