%27Kalkoenmarkt+zelfvoorzienend+maken%27
Reportage
© VidiPhoto

'Kalkoenmarkt zelfvoorzienend maken'

Nederland kun je niet echt een kalkoenland noemen. Zo wordt in ons land per hoofd van de bevolking één kilo kalkoen per jaar gegeten. In landen als Duitsland, Oostenrijk of Italië is dat zes kilo, een significant verschil.

Kalkoenhouder Twan Jenniskens uit het Limburgse Ysselsteyn wil daarin graag verandering brengen. Onder meer met behulp van het Beter Leven-keurmerk, dat zijn bedrijf sinds kort mag voeren. Ons land telt op dit moment drie kalkoenbedrijven met het Beter Leven-keurmerk, waaronder twee in Limburg. Deze maand starten nog eens twee kalkoenhouders uit Limburg met dit concept.

Voor het antwoord op de vraag waarom Jenniskens voor het keurmerk koos, moeten we een paar jaar terug in de tijd. 'Een aantal collega-kalkoenhouders vond het niks dat de meeste kalkoenen die in ons land werden geproduceerd naar Duitsland gingen. Wij hadden in Nederland een relatief kleine markt. De kalkoenen die in de Nederlandse schappen lagen, kwamen bovendien uit Frankrijk', legt hij uit.

'Daarbij vingen wij signalen op dat de Duitse consument steeds meer geneigd is producten uit eigen land te eten. Om te voorkomen dat wij het als bedrijf daardoor moeilijker zouden krijgen in Duitsland, zijn we deze weg ingeslagen. Het creëren van een betere Nederlands markt, daar gaat het ons om. Bovendien, het kalkoenvlees dat in ons land wordt gegeten, moet op zijn minst in Nederland worden gefokt.'

'Stel dat we van één naar twee kilo groeien, dan zijn we compleet zelfvoorzienend'

Twan Jenniskens, kalkoenhouder in Ysselsteyn

Vaker doen

Om het tij te keren, lanceerde de ondernemer uit Ysselsteyn zo'n acht jaar geleden samen met een aantal kalkoenfokkers 'Kalkoen vaker doen'. Een promocampagne om de Nederlandse supermarkten te enthousiasmeren Nederlands kalkoenvlees in de schappen te leggen. De stap bleek net iets te groot. 'Via een subsidiepotje en een marketingbureau hebben we onder de merknaam Slanke Bourgondiër voor een kleinschalige aanpak gekozen, onder meer door huisverkoop. Belangrijkste insteek was het promoten van de kalkoenconsumptie in Nederland.'

Nederland produceert net iets minder dan twee kilo per hoofd van de bevolking. 'Stel dat we van één van naar twee kilo groeien, dan zijn we compleet zelfvoorzienend', benadrukt Jenniskens. 'Dat is in Nederland, waar veel sectoren met overproductie kampen, uniek te noemen.'

De roep van Wakker Dier voor een Beter Leven-keurmerk voor de kalkoen, wordt door een aantal grootgrutters opgepakt, waaronder supermarktketen Jumbo. 'Via de vleesleverancier van Jumbo werd ons gevraagd een dergelijk concept op te zetten, dat was in augustus 2016. We zijn er meteen mee aan de slag gegaan.'

De kalkoenen van Jenniskens zijn een stuk zwaarder dan de gangbare exemplaren, ze leven dan ook langer voordat ze worden geslacht. De Beter Leven-kalkoenen zijn juist lichter in dezelfde tijd. Een gangbare kalkoenhaan van 21 weken weegt circa 20 kilo. Een Beter Leven-kalkoen is na 21 weken gemiddeld drie kilo lichter. 'Zo'n twintig jaar geleden woog een haan gemiddeld 15 kilo. De Duitse slachters vroegen steeds vaker om zware kalkoenen, omdat de Duitse consument graag een groot stuk vlees op zijn bord wil.'

Omschakelen gemakkelijk

Jenniskens laat ook zijn Beter Leven-kalkoen in Duitsland slachten. 'Nu worden alleen nog de filet en de poten gebruikt, de rest van de kalkoen wordt in het gangbare vlees verwerkt en in Duitsland afgezet. Het is wel de bedoeling dat we een vierkantsverwaarding krijgen en al het vlees van de kalkoen in Nederland wordt verkocht.'

Nu had de kalkoenhouder uit Ysselsteyn al bijna zes jaar uitloopstallen, een verplichting om als ondernemer überhaupt voor het Beter Leven-keurmerk in aanmerking te komen. 'Vandaar dat overschakelen voor mij relatief gemakkelijk was. Een kalkoen heeft graag veel open lucht, dat is goed voor het dier. Mijn broer heeft tien jaar geleden de eerste uitloopstallen gebouwd. Nadat mijn broer drie jaar geleden besloot te stoppen met zijn bedrijf, heb ik het overgenomen.'

Jenniskens heeft momenteel op drie locaties kalkoenen zitten - één opfokbedrijf en twee afmestbedrijven - en is daarmee het grootste kalkoenbedrijf in Nederland. De ondernemer gaat voor de helft over naar Beter Leven. 'Omdat het nu nog heel kleinschalig is, moet ik drie weken laden, terwijl de dieren normaal in één week weggaan. Dat neem ik dan maar voor lief.'

Nederland telt op dit moment nog maar 29 kalkoenfokkerijen. 'Dat aantal is heel hard geslonken', stelt de ondernemer. 'In 2003 had Nederland nog een eigen kalkoenslachterij, maar toen waren er ook nog ruim 130 kalkoenbedrijven. Na de komst van de vogelgriep in dat jaar is ook de slachterij dichtgegaan en zag je een heel duidelijke krimp in de kalkoensector. Dat kwam omdat veel ondernemers de stap om naar Duitsland te exporteren niet durfden te maken. De risico's, zoals de exportbeperking, waren voor de meesten te groot.'

Eerste lichting kalkoenen geslacht

In november werden bij Twan Jenniskens de eerste Beter Leven-kalkoenen opgehaald om in Duitsland te worden geslacht. Het vlees lag een paar dagen later bij Jumbo. Jenniskens is met zestigduizend gangbare kalkoenen de grootste fokker van ons land en de eerste met bronzen Caringa Cartier-kalkoenen, een smakelijk ras dankzij zijn langzame groei.

Weer

  • Dinsdag
    3° / 1°
    30 %
  • Woensdag
    5° / 0°
    20 %
  • Donderdag
    5° / 0°
    10 %
Meer weer
@nieuweoogst.nu