Onderzoek+naar+gevoeligheid+rassen+maiskopbrand
Achtergrond
© Maarten van Erp

Onderzoek naar gevoeligheid rassen maiskopbrand

Maiskopbrand wordt sinds 2012 jaarlijks in Nederlandse maispercelen aangetroffen. Met name in het rivierengebied, Utrecht en Noord-Holland. Maar de gevoeligheid van rassen staat niet op de rassenlijst. 'Een risicovolle zaak', vindt Jos Groten van Praktijkonderzoek AGV die onderzoek doet naar rasgevoeligheid.

Vroegtijdig herkennen van maiskopbrand blijkt lastig. Meestal wordt een besmetting pas duidelijk rond eind augustus. De planten worden stoffig en de pluimpjes beginnen te schimmelen. De schimmelinfectie werd in 2012 voor het eerst in Nederland aangetroffen. Sindsdien is het vooral op klei in het rivierengebied, langs de Maas en de IJssel, in de provincie Utrecht en in de polders in Noord-Holland waar de druk toeneemt.

De schimmel nestelt zich in de bodem en infecteert via de wortel de planten. 'In de regio Utrecht zijn loonwerkers die zeggen dat er over twee jaar geen maisteelt bij hen meer mogelijk is, als de uitbreiding van besmetting zo doorzet', zegt Jos Groten van Praktijkonderzoek AGV van Wageningen University & Research.

Serieus gevaar

Groten ziet de besmettingsdruk als een serieus gevaar, zeker in bepaalde regio's. Daarom pleit hij voor uitsluiting van gevoelige rassen. 'Maar die worden in de besmette regio's nog gewoon geadviseerd. Daarnaast wordt tegen boeren gezegd dat ze bij een besmetting vruchtwisseling moeten toepassen en vier jaar geen mais op het perceel moeten telen. Die aanpak helpt slechts deels en het besmettingsgevaar breidt zich uit', zegt hij.

Gevoelige rassen worden nog gewoon geadviseerd in besmette regio's

Jos Groten, onderzoeker Praktijkonderzoek AGV

De onderzoeker licht toe dat besmetting via de wind gaat en vanaf nabijgelegen percelen kan overwaaien. 'Je kunt de zwarte wolken soms uit de hakselaar zien komen, als een perceel wordt gehakseld waar planten staan met maiskopbrand. Zelfs op percelen waar het eerste jaar mais na gras wordt geteeld, vinden we aangetaste planten. Deze percelen moeten via de wind zijn besmet', zegt hij.

Hakselen

'Daarnaast is het hakselen van een besmet perceel een risico, als die hakselaar daarna niet grondig wordt schoongemaakt. De besmetting gaat dan over naar het volgende perceel. En dat schoonmaken gebeurt niet.'

Groten besloot op eigen initiatief een praktijkproef aan te leggen en testte de laatste jaren talloze maisrassen op de gevoeligheid voor maiskopbrand. Geen uitgebreide wetenschappelijk proef, maar een screeningproef in Midden-Nederland. Hij lichtte de veredelaars in en sprak met hen af gevoelige rassen niet openbaar te maken. 'Ik hoop derhalve dat ze zelf daarin hun verantwoordelijkheid nemen en deze rassen niet meer in besmette regio's adviseren.'

Lage gevoeligheid

Rassen die niet of nauwelijks gevoelig zijn voor de schimmelinfectie, maakt Groten wel bekend. Een lage gevoeligheid betekent 0 tot 1 procent getoonde gevoeligheid. De rassen die positief uit de bus komen, zijn P8057, Smoothi CS, Genialis KWS, SY Skandik, SY Madras, Megusto KWS, SY Telias, MAS 12H, ES Crossman en PR39F58.

'Bij deze rassen weet je zeker dat de druk laag is, omdat ze in de proef onder de 1 procent scoren. In een jaar met zeer gunstige omstandigheden voor maiskopbrand worden deze rassen in de praktijk maximaal 1 tot 5 procent aangetast. De teler heeft dan in ieder geval een oogstbaar gewas. Om van deze ziekte af te komen, moet je strenger selecteren.'

Apart inkuilen

Telers die maiskopbrand in hun perceel aantreffen, kunnen daar weinig tegen doen. Groten raadt hun aan te kijken hoeveel planten zijn aangetast. 'Tot 5 procent aantasting is het gewas te oogsten, in te kuilen en te voeren. Als 10 tot 25 procent van de planten is geïnfecteerd, adviseer ik de snijmais apart in te kuilen en te kijken hoe het product zich bij uitkuilen laat voeren', zegt hij.

'Is een groter aandeel aangetast, dan kun je het gewas beter op het veld laten. Bij inkuilen wordt het anders één grote smeerboel en geen koe die er iets van wil vreten. Het wordt dan een kwestie van verhakselen op het veld met rustig weer, zodat de sporen niet verwaaien. Vervolgens onderploegen en het jaar erop een vrijwel ongevoelig ras zaaien.'

Weer

  • Zaterdag
    27° / 15°
    20 %
  • Zondag
    27° / 16°
    10 %
  • Maandag
    27° / 13°
    10 %
Meer weer