Hoogleraar+vindt+agri%2D+en+foodsector+conservatief
Achtergrond
© Han Reindsen

Hoogleraar vindt agri- en foodsector conservatief

De Nederlandse agri- en foodsector is relatief sterk technologisch georiënteerd. Met de sociale innovatie is het volgens hoogleraar Henk Volberda slecht gesteld. 'De sector is wat dat betreft behoorlijk conservatief.'

Bij sociale innovatie gaat het om slimmer werken, innovatief organiseren en stijl van leidinggeven. Het succes van een bedrijf is hier voor driekwart van afhankelijk en technologische innovatie voor een kwart.

Dat zei hoogleraar strategisch management en ondernemingsbeleid Henk Volberda van de Erasmus Universiteit Rotterdam vorige week dinsdag op de jaarvergadering van brancheorganisatie Fedecom in Arnhem.

Concurrentiekracht

Technologische en sociale innovaties zijn belangrijk voor de concurrentiekracht van een land. Zwitserland is de meest concurrerende economie in de wereld. Nederland staat op de vierde plek. Qua innovatie doet Nederland het vooral goed in agri & food, hightech en energie. Op deze terreinen is Fedecom actief.

Samenwerken vraagt om vertrouwen en een zekere afhankelijkheid

Henk Volberda, hoogleraar strategisch management en ondernemingsbeleid Erasmus Universiteit Rotterdam

Maar niet alles gaat goed, aldus Volberda. 'In de agri- en foodsector is het management te veel bottom-up. We moeten meer naar een platte en flexibele organisatie met dienend leiderschap waar medewerkers de kans krijgen om zelf het werk te organiseren. In het begin gaan daardoor de prestaties naar beneden en staat niet iedereen erbij te juichen. Toch wil ik jullie uitdagen om ermee te beginnen.'

Andere medewerkers

Volgens de hoogleraar vraagt de vierde industriële revolutie - met onder andere precisielandbouw, drones en robots – om andere medewerkers. 'Een medewerker van straks heeft andere vaardigheden nodig dan nu. Creativiteit en kritisch denken worden steeds belangrijker. Investeren in de persoonlijke ontwikkeling van mensen zorgt voor meer innovatie, meer prestatie en meer gelukkige medewerkers.'

Volberda constateert dat bedrijven in crisistijd alleen en vaak minder in onderzoek en ontwikkeling investeren. Investeringen in andere zaken als dienend leiderschap, zelforganisatie, vaardigheden van medewerkers en samenwerking blijven dan vaak achterwege. 'Bij samenwerken moet je kennis met elkaar delen om te kunnen innoveren. Dat vraagt om vertrouwen en een zekere afhankelijkheid.'

Novifarm

Een inspirerend voorbeeld van samenwerking is akkerbouwbedrijf Novifarm in de Hoeksche Waard. Dit bedrijf, een samenwerking tussen vijf Zuid-Hollandse akkerbouwfamilies met een gezamenlijke oppervlakte van 820 hectare, is uitgeroepen tot Agrarisch Ondernemer van het Jaar 2017. Het samenwerkingsverband is in 2007 begonnen en is nog steeds in ontwikkeling.

'Het gaat om een integrale samenwerking. Alleen grond en gebouwen blijven bij de individuele vennoten. De exploitatie hoort bij Novifarm. We werken als één bedrijf, we doen alles samen en er is één bouwplan. Vertrouwen is een belangrijke pijler onder het bedrijf. Gezamenlijk belang, strakkere planning, transparante afspraken en goede communicatie zijn daarbij nodig', zegt Leon Noordam. 'En je moet zaken los kunnen laten.'

Voor- en nadelen

Een belangrijk voordeel is dat de beste persoon voor de juiste taak is in te zetten, stelt Noordam. Maar er zijn ook nadelen: 'Dankzij de mechanisatie hebben we de groei met dezelfde mensen kunnen realiseren. De grote machines hebben wel een negatief effect op de bodem en daar moeten we naar kijken.'

Novifarm teelt 376 hectare graan, 204 hectare aardappelen, 68 hectare uien en 87 hectare bieten. Er zijn vijf vaste medewerkers. Voor het spuiten staat op jaarbasis 750 uur, voor ploegen 540 uur en voor het uitschuren van aardappelen en uien 730 uur. 'Eén medewerker is omgerekend een half jaar bezig om alle schuren leeg te krijgen.'

Vertrouwen en respect

Naast Noordam heeft ook Fred Schoenmakers het over vertrouwen. Hij houdt zich bij Metaalunie onder andere bezig met contracten tussen dealers en importeurs. 'Twee begrippen zijn bij een samenwerking essentieel: vertrouwen en respect. Zonder vertrouwen en respect wordt het nies, ook niet met een goed contract. Je moet elkaar bijstaan en begrijpen.'

Schoenmakers wijst erop dat een dealercontract niet expliciet in de wet is genoemd. Daardoor is er sprake van contractvrijheid. 'Het staat partijen vrij om, binnen zekere grenzen, over de inhoud te onderhandelen. Als er contractvoorwaarden in staan die je eigenlijk niet wilt, kun je kiezen: niet doen of tegen je zin aanvaarden.'

Onderdelendistributie

Een voorbeeld van een samenwerkingsverband in de mechanisatiebranche is Kramp in Varsseveld. Het bedrijf in de Achterhoek verzorgt de onderdelendistributie van meerdere machine- en trekkerfabrikanten richting dealerbedrijven. Vorig jaar realiseerde Kramp een omzet van 790 miljoen euro. Zo'n 95 procent van de onderdelenbestellingen gaat via de webshop.

Kramp-topman Eddie Perdok vindt de samenwerking met de dealerbedrijven belangrijk en wil de service verder verbeteren. 'Dat is nodig, want de wereld verandert snel.' Hij wijst erop dat het bedrijf Amazon online originele onderdelen verkoopt. 'In de toekomst is Amazon de grootste concurrent van Kramp', denkt Perdok.

Meer spelers

Er zijn meer van dit soort spelers op de markt. Het Franse bedrijf Agriconomie verkoopt naast zaden, kunstmest en gewasbeschermingsmiddelen onderdelen en wil dit uitrollen over Europa. En Alibaba verkoopt Agco-onderdelen. Perdok voelt de concurrentie en wil daarom beter samenwerken met dealerbedrijven. 'We moeten het voor Amazon niet interessant maken om de agrarische sector in te gaan.'

Weer

  • Donderdag
    12° / 2°
    10 %
  • Vrijdag
    11° / 1°
    10 %
  • Zaterdag
    9° / 0°
    10 %
Meer weer
@nieuweoogst.nu