Drie+middelen+nodig+bij+bladschimmels+in+bieten
Achtergrond
© John Oud

Drie middelen nodig bij bladschimmels in bieten

Bij de bestrijding van bladschimmels in suikerbieten moeten telers minimaal drie verschillende middelen gebruiken om verminderde gevoeligheid voor fungiciden te voorkomen. 'Als je eenzijdig hetzelfde middel gebruikt, kan het fout gaan', zegt directeu Frans Tijink van het IRS.

Bij bladschimmels in suikerbieten gaat het om meeldauw, roest, ramularia, cercospora en stemphylium. Vooral cercospora en stemphylium zijn gevaarlijk voor de opbrengst. Beide soorten bladziekten kunnen tot 40 procent schade geven aan de suikeropbrengst.

Als er eenmaal een aantasting van een bladschimmel in het gewas suikerbieten zit, kan een teler deze niet meer wegspuiten. Als er veel blad bruin of afgestorven is, is de tijd de factor die de mate van schade bepaalt. Op tijd een bladschimmelbestrijding kan dat voorkomen. De bladschimmelwaarschuwing van het IRS helpt daarbij.

Tijink: 'In 2016 kwam de eerste bladschimmelwaarschuwing in het zuiden van het land en vorig jaar in Noord-Nederland. Welke soort bladschimmel als eerste komt en in welk gebied, weten we vooraf niet. De eerste soort bladschimmel kan per perceel verschillen, dat is het lastige.'

Wissel actieve stoffen binnen en tussen groepen af

Frans Tijink, directeur IRS

Fungicidekeuze

Uit onderzoek blijkt dat waarnemen, herkennen, het tijdstip van de bespuiting en fungicidekeuze de belangrijkste aspecten zijn bij de bladschimmelbestrijding. Hierop heeft de teler zelf de meeste invloed. Daarna volgen microklimaat, gewasrotatie en rassen. 'Bij een rotatie van 1-op-3 is de bestrijding van bladschimmels lastiger dan bij een minder intensief bouwplan met een rotatie van 1-op-6', zegt Tijink.

Een goede bladschimmelbeheersing in bieten begint met goed waarnemen.
Een goede bladschimmelbeheersing in bieten begint met goed waarnemen. © IRS

In Nederland ligt voor alle bladschimmels de schadedrempel bij de eerste vlekjes of aantasting. Goed waarnemen en herkennen van bladschimmels is essentieel voor een goede bestrijding, benadrukt de IRS-directeur. 'Je moet eerst weten wat je hebt. Pas dan is een goede middelenkeuze mogelijk.'

Afwisselen

Daarnaast adviseert Tijink om middelen uit de drie groepen af te wisselen om resistentie tegen te gaan. Het gaat om groepen met de actieve stof epoxiconazool (Retengo Plust, Opus Team), cyproconazool (Sphere SC) en difenoconazool (Spyrale, Borgi/Score 250 EC, Difure Pro). Afwisselen tussen deze middelen is beter dan herhalen met hetzelfde middel.

De gele vlekjes op het bietenblad zijn veroorzaakt door stemphylium.
De gele vlekjes op het bietenblad zijn veroorzaakt door stemphylium. © IRS

'In seizoen 2011 zijn 29 isolaten cercospora verzameld en geanalyseerd op gevoeligheid voor fungiciden. Voor elke geteste stof zijn er isolaten verminderd gevoelig', zegt Tijink. 'Wissel daarom actieve stoffen binnen en tussen groepen af. Wissel af binnen het seizoen en tussen seizoenen. Bij wisselen van middelen kan een ander middel wel goed werken. Een goed pakket aan gewasbeschermingsmiddelen en op het juiste moment gebruiken, is belangrijk.'

Lokaal systemisch

De middelen tegen bladschimmelziekten werken lokaal systemisch. Bij een bespuiting is het daarom belangrijk om het gewas goed te raken. Op geraakt blad is de werkingsduur, afhankelijk van het middel, drie tot vier weken. Bladeren en gedeeltes van bladeren die niet zijn geraakt, zijn onbeschermd.

Ook nieuwe bladeren die na de bespuiting zijn gevormd, zijn onbeschermd. 'Een gewas bieten heeft begin of half augustus het loofmaximum. Dat betekent dat er in de maand juli nog veel nieuw blad bijgroeit dat onbeschermd is. In die periode moet je het gewas na twee weken controleren op uitbreiding of nieuwe aantasting door bladschimmels', adviseert Tijink.

Bespuiting rendabel

In de eerste helft van oktober is een bespuiting tegen bladschimmels alleen rendabel, wanneer de suikerbieten laat worden gerooid. Na half oktober is het zelden meer rendabel, aldus het IRS. Voor de toegelaten fungiciden geldt, afhankelijk van het middel, een veiligheidstermijn van 21, 28 of 46 dagen.

Het kan zijn dat het effect van een bespuiting onder goede omstandigheden toch geen goed resultaat oplevert. Mogelijk is er dan sprake van resistentie tegen deze middelen. Een herhaling van de bespuiting met dezelfde middelen heeft dan geen zin. 'Als er problemen zijn, meld het', benadrukt Tijink.

Weer

  • Donderdag
    12° / 2°
    10 %
  • Vrijdag
    11° / 1°
    10 %
  • Zaterdag
    9° / 0°
    10 %
Meer weer
@nieuweoogst.nu