NVWA%3A+enkel+toezicht+pluimveesector+niet+genoeg
Nieuws
© pixabay

NVWA: enkel toezicht pluimveesector niet genoeg

Er is méér dan toezicht nodig om te zorgen dat de regels voor dierenwelzijn en voedselveiligheid in de pluimveevleesketen worden gewaarborgd. Dat stelt de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) op basis van een integrale risicoanalyse in deze keten. Ondernemers zijn primair verantwoordelijk, aldus de NVWA.

De NVWA pleit daarom voor een integrale aanpak van ketenpartijen, beleidsmakers en de NVWA om de risico's voor mensen en dieren verder te beperken. Daarbij pleit de autoriteit voor een stevige private ketenborging. Verder wordt gericht gehandhaafd.

Kostenefficiënte productie kwetsbaar

Bedrijven in de pluimveevleesketen opereren in een sterk competitieve, internationale markt. Meerdere ketenschakels tonen innovatiekracht, bijvoorbeeld door reductie van antibioticagebruik, het terugdringen van voetzoollaesies of de aanpak van karkasverontreiniging op slachterijen. Het huidige (kosten)efficiënte productiesysteem introduceert echter ook kwetsbaarheden, zo stelt de NVWA na een risicoanalyse.

Inspecteur-generaal NVWA Rob van Lint: 'Ondanks de stappen die de pluimveevleessector de afgelopen jaren al heeft gezet, laat deze ketenanalyse zien dat de beheersing van de risico's voor dierenwelzijn en voedselveiligheid in een deel van de bedrijven nog te veel onder druk staat. Naleving van wet- en regelgeving bij ondernemers in meerdere ketenschakels schiet te kort of regels worden moedwillig overtreden.'

'Dit wordt ook in de hand gewerkt door de opzet van het productiesysteem en de manier waarop ketenpartners zich tot elkaar verhouden. Als je alles onder elkaar zet, geeft dat een zorgelijk beeld. De geconstateerde problemen zijn niet op te lossen met alleen maar meer toezicht door de NVWA.'

De beheersing van de risico's voor dierenwelzijn en voedselveiligheid staat in een deel van de bedrijven nog te veel onder druk

Rob van Lint, inspecteur-generaal NVWA

Onvoldoende voer

Bij inspecties op zogenoemde ouderdierbedrijven ziet de NVWA nog te vaak dat dieren onvoldoende voer, drinkwater of zitstokken hebben. Bij vleeskuikenbedrijven zijn veel voorkomende tekortkomingen overbezetting en tekort aan droog strooisel in de stallen. Hierdoor hebben dieren sneller last van voetzoollaesies.

Dieren lopen tijdens het vangen en de transport ernstige kans op letsel. Eenmaal op het slachthuis vormt het niet goed bedwelmen van de dieren het grootste risico voor het welzijn van het pluimvee.

Op het gebied van voedselveiligheid is de aanwezigheid van campylobacter en salmonella een duidelijk risico in meerdere ketenschakels. Consumenten kunnen weliswaar besmetting met deze bacteriën voorkomen door hygiënisch te werken en vlees door en door te verhitten, maar het voorkomen van besmetting van kippenvlees blijft belangrijk.

Antibiotica voldoende naleven

De NVWA ziet bij inspecties dat pluimveehouders de regels voor het gebruiken van antibiotica over het algemeen voldoende naleven. Tegelijkertijd ziet de NVWA echter verschillende vormen van antibioticagebruik die niet zijn toegestaan.

De Inlichtingen- en Opsporingsdienst van de NVWA (NVWA-IOD) heeft een analyse gemaakt van deze en andere strafrechtelijke opsporingsonderzoeken en signalen uit de pluimveevleesketen van de afgelopen jaren.

Omkatten vlees

Het betreft onderzoeken naar bijvoorbeeld het 'omkatten' van vlees en onrechtmatigheden met weegbonnen. Deze analyse roept het beeld op dat het productiesysteem voor pluimveevlees kwetsbaar is. De NVWA benadrukt de noodzaak van een goede naleving van de regels in de pluimveevleesketen om de voedselveiligheid en dierenwelzijn te borgen en het consumentenvertrouwen te behouden.

Weer

  • Donderdag
    5° / 0°
    10 %
  • Vrijdag
    6° / -1°
    10 %
  • Zaterdag
    6° / 0°
    50 %
Meer weer
@nieuweoogst.nu