%27We+proberen+openingen+te+vinden+in+nieuwe+markten%27
Interview
© ZLTO

'We proberen openingen te vinden in nieuwe markten'

De vakgroep Bomen en vaste planten zet zich door betrokkenheid bij 'De Groene Stad' in voor het verbeteren van afzetmogelijkheden van de leden. Vakgroepvoorzitter Henk Raaijmakers zou ook graag meer energie in fundamenteel onderzoek willen steken.

Henk Raaijmakers is eigenaar van tuinplantenkwekerij De Oude Aa in Deurne. De onderneming produceert per jaar 2,5 miljoen jonge planten. De helft bestaat uit bloeiende planten, de andere helft is zachtfruit. Raaijmakers werd drie jaar geleden voorzitter van de LTO-vakgroep Bomen en vaste planten. Communicatie met de leden vindt hij een vereiste.

Nationaal en internationaal hebben we het LTO-netwerk gewoon nodig

Henk Raaijmakers, voorzitter LTO Vakgroep Bomen en vaste planten

Wat is de belangrijkste opgave voor de vakgroep?

'Leden vinden het heel belangrijk dat we dossiers oppakken waar ze dagelijks mee te maken hebben op het erf. Ik denk dan aan duurzaam gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, maar ook aan imago, arbeid en een positieve marktbenadering.

'Fytosanitaire en milieueisen van exportlanden zijn ook zo'n punt. 70 procent van onze producten is bestemd voor export.'

Waarom houdt de vakgroep zich bezig met markttoegang en afzetbevordering?

'Met de komst van fax en e-mail zijn veel boomkwekers rechtstreeks exporteur geworden. Dat maakt deze sector anders dan bijvoorbeeld de melkveehouderij. Onze leden verwachten dat wij ons ook met de afzet bezig houden. We hebben veel contact met Tuinbranche Nederland, de VGB (groothandelaren) en Anthos (exporteurs).

'Met de presentatie van bijvoorbeeld de Groene Stad proberen we voor onze leden openingen te vinden in nieuwe markten, zoals China. We komen daar niet om een boom te verkopen, maar met een oplossing om de leefkwaliteit in het stedelijk gebied te verbeteren.'

De vakgroep is samengesteld uit leden met een enorme variatie aan teelten. Voelen zij zich verbonden met elkaar?

'Toen ik begon, merkte ik dat leden zich nauwelijks verbonden voelden met LTO. Maar we kunnen niet zonder haar netwerk. Regionaal zullen we best een eind komen, maar nationaal en internationaal hebben we dit netwerk gewoon nodig. We zitten in een internationaal speelveld.

'Soms hebben we steun nodig van het ministerie van Buitenlandse Zaken, soms van Landbouw. De directe ingangen bij die ministeries hebben we via de LTO-organisatie.

'De samenwerking met LTO Glaskracht, KAVB en NFO is essentieel, omdat we op een aantal dossiers een fikse overlap hebben. Denk bijvoorbeeld aan ondersteunend glas, spuittechnieken en emissiebeperking. De afstemming in het landelijke overleg van LTO is voor ondernemers cruciaal om efficiënt te kunnen werken.'

Hoe is die verbinding tot stand gebracht?

'We hebben een eigen logo ontwikkeld en een website laten bouwen, zodat we herkenbaar zijn en snel kunnen communiceren met leden. We kunnen nu specifieke groepen apart benaderen, maar ook alle leden ineens. Binnen de cultuurgroepen kunnen ondernemers specifiek voor de eigen gewasgroepen informatie uitwisselen.

'Onze leden voelen zich als boomkwekers verenigd en verankerd in de LTO-organisatie. Tegelijkertijd worden ze erkend en gerespecteerd als kwekers.'

Wat zou je anders willen zien?

'Als bestuurders zien we de urgentie om onderzoek opnieuw vorm te geven, omdat onze voorsprong op het vlak van teelttechniek en sortiment in hoog tempo verloren gaat. Een groot deel van de leden voelt dat nog niet op het erf.

'Binnen de boomkwekerij is er geen draagvlak voor een verbindendverklaring zoals in de akkerbouw, waarmee je gezamenlijk onderzoek kunt financieren'

Weer

  • Donderdag
    3° / 0°
    10 %
  • Vrijdag
    1° / -2°
    10 %
  • Zaterdag
    1° / -3°
    20 %
Meer weer