Varkenshouder+is+%27biologisch+in+hart+en+nieren%27
Reportage

Varkenshouder is 'biologisch in hart en nieren'

Haar moeder begon eind jaren negentig met een biologische varkenstak. Nu neemt Martine Lesterhuis het ouderlijk akkerbouwbedrijf over en wil ze ook het voer voor de varkens verbouwen. 'Ik ben biologisch in hart en nieren.'

Lesterhuis (29) is druk bezig met het verbouwen van een woning vlakbij de boerderij in Holwierde. Ze trekt er eerst zelf in, maar over een paar jaar ruilt ze met haar ouders en gaat zij naar de boerderij. Dan neemt ze definitief het stokje over en is ze boer op het 100 hectare tellende bedrijf met 55 zeugen en 350 vleesvarkens. Tegen die tijd is ook alle grond in omschakeling naar biologisch.

De beslissing om boer te worden, nam ze een jaar of zeven geleden en kwam als een verrassing. 'Als tiener dacht ik: ja doei, ik ga niet tachtig uur in de week werken. Als je niet oppast, kom je nooit meer van je bedrijf. Er is meer in de wereld. Bovendien ging het eind jaren negentig helemaal niet zo best in de landbouw', vertelt Lesterhuis.

Maar tijdens haar studie plantenwetenschappen in Wageningen sloeg haar gevoel om. 'Ik besefte toen pas dat boer zijn het mooiste is dat er is. Je bent eigen baas op een prachtige plek en je werkt met de natuur. Wat wil je nog meer? Natuurlijk zijn er genoeg beren op de weg, gemakkelijk is het niet. Maar ik wist zeker dat ik verschrikkelijk spijt zou krijgen als ik het niet zou proberen.'

Als biologische boer, en zeker als vrouw, wordt er extra op me gelet; daar trek ik me niet veel van aan

Martine Lesterhuis, biologische varkenshouder

Eigen voer telen

Eén ding stond vast: ze wilde een volledig biologisch bedrijf. 'Ik ben nu eenmaal biologisch in hart en nieren en ons bedrijf biedt prachtige mogelijkheden om er een kringloop van te maken', zegt ze.

'De varkenstak draait prima, maar we kopen nu jaarlijks 400 ton voer aan voor zo'n 40 cent per kilo. De biologische mest gaat naar andere bioboeren. Dat voelt voor mij niet logisch. Bovendien heb ik niks met gangbare akkerbouw. Ik wil mijn eigen voer telen.'

Dit jaar schakelde ze de eerste 30 hectare om naar biologisch, waarop ze gerst en haver teelt. Ze laat het perceel zomergerst zien, tussen de boerderij en de weg. Over de stand is ze tevreden, al wil ze de volgende keer wel eerder ploegen en eerder beginnen met wiedeggen.

'Chef gangbaar'

'Ik ben dingen aan het uitproberen. Kijk, als biologische boer, en zeker als vrouw, wordt er extra op me gelet. Maar daar trek ik me niet veel van aan. Ik vind het niet erg om dingen fout te doen, daar leer ik van.' Voor haar vader, die ze met een knipoog 'chef gangbaar' noemt, is het af en toe nog wennen, merkt ze op. 'Het botst wel eens. Maar als ik hem dan zie kijken als ik aan het zaaien ben, is hij ook wel trots.'

Lesterhuis wil naast gerst, haver en andere granen, de teelt van veldbonen en andere eiwitgewassen oppakken. Het liefst ook soja, vanwege het hoge eiwitgehalte. Daarvan vraagt ze zich wel af of dat voldoende kans van slagen heeft. In ieder geval moet het grootste deel van het rantsoen voor de varkens van eigen bodem komen. De vlinderbloemige gewassen leveren haar een deel van de stikstof.

Verder heeft ze afspraken gemaakt met andere biologische bedrijven in Groningen, waar ze rundveedrijfmest en kippenmest van kan betrekken.

Robuuste varkens

Plannen voor het telen van gewassen als grove groenten heeft ze niet. Dat is te arbeidsintensief, merkte ze tijdens een reeks bezoeken aan biologische boeren. Vorig jaar maakte ze met haar ligfiets een tocht van 3.000 kilometer door Duitsland en werkte ze bij verschillende boeren drie weken lang mee, volgens een concept van kost en inwoning.

Ze koos bewust gemengde bedrijven uit, om ervaringen te horen. 'Een leerzame periode. Natuurlijk is geen enkel bedrijf te vergelijken met de omstandigheden bij ons, maar je neemt al die ervaringen wel in je achterhoofd mee.'

Regionale afzet

De varkenstak houdt ze voorlopig hetzelfde. De omvang is mooi en de afzet via de Groene Weg bevalt goed. 'Ik zou het wel leuk vinden om iets te proberen met regionale afzet, maar dan op kleine schaal. Voor de 35 tot 40 varkens die wij iedere twee weken afleveren, is dat geen optie.'

In de fokkerij werkt Lesterhuis toe naar een varken dat nog minder gevoelig is voor ziektes en het straks goed kan doen op het nieuwe rantsoen. 'De huidige biologische lijnen zijn afgeleid van de gangbare sector. Ik ben nu nieuwe zeugenlijnen aan het ontwikkelen met een oud Duits landras. Dat zijn heel robuuste dieren, maar het probleem is dat ze te weinig nakomelingen krijgen. Het is daarom zoeken naar een goed compromis.'

Verbinding met buitenwereld

Wat Lesterhuis verder belangrijk vindt, is de verbinding met de buitenwereld. Ze is actief in allerlei besturen en wil dat blijven doen. Ook betrekt ze graag mensen van buiten de agrarische sector. Op 17 en 18 juni zet de familie haar deuren open voor bezoekers, net als andere jaren. 'Er is een boerenmarkt en we vertellen ons verhaal over de biologische varkens. Deze keer neem ik de mensen ook mee het land in.'

Bedrijfsgegevens
Het bedrijf van de familie Lesterhuis bestaat uit 90 hectare akkerbouw en een biologische varkenstak met 55 zeugen en 350 vleesvarkens. Van de grond is 30 hectare in omschakeling naar biologisch. In de komende twee jaar volgt de rest van het areaal. De grondsoort is 40 procent afslibbare klei. De familie teelt nu nog granen en suikerbieten en een deel van het land wordt verhuurd voor aardappelen.

Egbert Jonkheer

Egbert Jonkheer schrijft op freelancebasis artikelen voor Nieuwe Oogst

Contact