Kunstmest+in+veenweide+in+de+zomer+overbodig
Nieuws
© Twan Wiermans

Kunstmest in veenweide in de zomer overbodig

In de zomer neemt veenweidegras door de hogere bodemtemperatuur dubbel zoveel stikstof op uit de bodem als in de maanden ervoor. In combinatie met een drijfmestgift is dat meer dan voldoende voor een maai- of weidesnede. Kunstmest strooien is dus niet nodig.

Dat blijkt uit analyses van het Louis Bolk Instituut, het Nutriënten Management Instituut en Wageningen Livestock Research.

Onderzoekers van de instituten deden metingen naar het stikstof leverend vermogen van ruim 200 proefvelden gelegen op 13 verschillende locaties in het Westelijk Veenweidegebied in de periode van 1992 tot 2017. Die gegevens zijn verzameld in het kader van het gebiedsgerichte programma Proeftuin Veenweiden en het project Proefpolder Kringlooplandbouw.

Bodemmineralisatie

Uit de analyses blijkt dat de stikstoflevering uit de bodemmineralisatie op gang komt als de bodemtemperatuur stijgt. Gemiddeld levert een veenweidebodem in maart en april zo’n 10 tot 15 kg stikstof per ha per maand (zie grafiek), terwijl in de maanden juni en juli het gras ruim 30 tot 35 kg stikstof per ha per maand opneemt uit bodemmineralisatie.

Voor een maaisnede en zeker voor een weidesnede is dat in combinatie met een drijfmestgift ruim voldoende.

Nauwelijks effect

Uit de resultaten bleek dat bij giften van 30 tot 35 kilo werkzame N bij maaien nagenoeg gelijke droge stof opbrengsten worden gehaald als bij hogere giften. Het eiwitgehalte van het gras dan is dan doorgaans hoger dan 180 gram. 30 tot 35 kilo zuivere N komt gemakkelijk beschikbaar uit een drijfmestgift van 20 m3 plus de nalevering van de voorjaars drijfmestgift.

Voor weidesneden is de stikstoflevering uit de bodem in combinatie met de nalevering van de stikstof uit de voorjaarsgift van drijfmest ruim voldoende. Een kunstmestgift is vanaf juli daarom niet interessant op zowel weide- als maaipercelen. Dit omdat het nog nauwelijks effect geeft op de grasopbrengst terwijl het eiwitgehalte er wel door wordt verhoogd. De koeien kunnen dit hogere eiwitgehalte niet benutten.

Stikstof levering
Stikstof levering © Archief


Veel stikstof

Stikstof is de bouwsteen voor eiwit in gras. Het hoge stikstofleverend vermogen van de veenbodems zorgt voor relatief veel eiwit in het gras en de graskuilen in het veenweidegebied. En zelfs voor een eiwitoverschot op de bedrijven met een hoog grasaandeel in het rantsoen.

Melkkoeien hebben voldoende aan 150-160 gram ruw eiwit in het rantsoen, mits de VEM/ DVE verhouding klopt. In de zomermaanden komen graskuilen met 180-200 gram ruw eiwit veel voor, en het weidegras is doorgaans nog eiwitrijker.

Veengronden met een kleidek

De gegevens zijn verzameld van pure veenweidepercelen en veenweidepercelen met een toemaakdek, en zijn daarom niet direct vertaalbaar naar bijvoorbeeld veengronden met een kleidek of moerige gronden. In dat geval kan worden teruggekeken naar de toegepaste bemesting en de kuiluitslagen van de afgelopen jaren.

Als daaruit blijkt dat het eiwitgehalte structureel te hoog was, is het zinvol kritisch te kijken naar de zomerbemesting.

Weer

  • Dinsdag
    3° / 1°
    30 %
  • Woensdag
    5° / 0°
    20 %
  • Donderdag
    5° / 0°
    10 %
Meer weer
@nieuweoogst.nu