Dierenbescherming+breekt+lans+voor+intensief
Achtergrond
© Koos van der Spek

Dierenbescherming breekt lans voor intensief

Niet alleen LTO maar ook de Dierenbescherming is er alles aan gelegen dat varkenshouders, pluimveehouders en kalverhouders in Groningen kunnen blijven innoveren, zeker op het gebied van dierenwelzijn. Dat bleek op een hoorzitting voor Groninger Statenleden.

Gedeputeerde Staten willen vanaf komend jaar een slot op de intensieve veehouderijbedrijven in Groningen. Niet alleen rond de woonkernen, maar ook verderop in het buitengebied zouden deze bedrijven niet meer dieren mogen houden dan nu. Dat betekent dat ze niet kunnen investeren in vernieuwing.

Die innovaties zijn immers alleen betaalbaar als er meer inkomsten tegenover staan. De meerprijs voor bijvoorbeeld een labelkip weegt nog niet op tegen de investering die moet worden gedaan. Dat kan alleen uit door ook meer dieren te houden.

LTO Noord probeert daarom een slot voor intensieve veehouderijen te voorkomen. Op de hoorzitting bleek dat ook programmamanager Marijke de Jong van de Dierenbescherming bezwaar maakt tegen de plannen van de provincie. Zij beheert het Beter Leven-keurmerk (BLK) van de organisatie. 'Wij sluiten ons aan bij LTO. De provincie moet stimuleren, faciliteren en inspireren. Niet op de rem trappen.'

Opmars

De Jong wees op de snelle opmars die het BLK-certificaat voor dierenwelzijn doormaakt. In de elf jaar dat Beter Leven draait, is dit het grootste dierenwelzijnskeurmerk in Nederland, met vorig jaar een afzet van 1,5 miljard euro onder het label. 'Het is de markt die het doet, die vraagt erom. En daar is nog heel veel te halen.'

De belangstelling uit het buitenland voor de Nederlandse aanpak, samenwerking tussen belangenorganisatie en bedrijfsleven, is volgens haar groot. Zo staat Duitsland op het punt daarin mee te gaan.

In de ogen van De Jong zouden bedrijven die investeren in bijvoorbeeld uitloop voor vleeskuikens een vergunning moeten krijgen. 'Ook de nieuwe 2 sterren Hamletz-varkensstal van Ten Have in Beerta ziet er prachtig uit. We hopen dat er zo meer bij komen.'

Ruimte in de markt

LTO Noord vindt dat intensieve bedrijven meer tijd moeten krijgen om aan te haken op innovatieve marktconcepten.

Martine Onderdijk van pluimveeslachterij 2 Sisters Storteboom legde uit dat de pluimveehouders weliswaar onafhankelijke ondernemers zijn, maar niet zomaar hun eigen weg kunnen zoeken. Er moet ruimte in de markt zijn voor een concept. En dat kost tijd.

Onderdijk: 'Er is zeker toekomst in Groningen voor deze ondernemers. Bij een slot op de sector wordt het lastig om nog rendabel te zijn. Schaalvergroting blijft nodig.' Ze waarschuwde dat Nederlandse veehouders in het nadeel zijn wat betreft kostprijs ten opzichte van hun Oost-Europese collega's. 'Benader deze ondernemers op basis van feiten, niet gevoelens.'

'Groningen is Brabant niet'
De angst voor een roze of gevederde invasie is onterecht, zegt Fleur Bartels van Projecten LTO Noord. Zij deed onderzoek naar de positie van de intensieve veehouderijen in Groningen. 'Groningen is Brabant niet. Bij 215 bedrijven met een tak intensief is het een kleine speler in Nederland. Bovendien hebben ze meestal veel grond. Voor 58 procent zijn de intensieve activiteiten de hoofdtak.' De bedrijven zijn relatief duurzaam. Zo lopen Groningse intensieve veehouderijen gemiddeld voor wat betreft milieu- en dierenwelzijnsmaatregelen, bleek uit de inventarisatie. 'Veel vleeskuikenhouders doen al mee met een plusconcept. Veehouders willen geen megabedrijf, maar grondgebonden zijn, voldoen aan welzijnseisen, duurzaam innoveren en een boterham verdienen.'

@nieuweoogst.nu