%27Friesland+ideale+provincie+voor+natuurinclusief%27
Achtergrond
© Ida hylkema

'Friesland ideale provincie voor natuurinclusief'

Duurzame en natuurinclusieve landbouw, boeren hebben er de mond vol van. Dat bleek vorige week op bijeenkomsten van Frisian Foodture '18 in Workum en Bolsward. Dit thema wordt in deze regio ook vaak op de agenda gezet. 'Friesland is de ideale provincie om natuurinclusieve landbouw te realiseren', stelde Jan Cees Vogelaar op het voedselcongres.

Natuurinclusieve landbouw is vol te houden, doceerde Vogelaar. 'Geen papieren tijger, maar een robuust systeem waarvan duidelijk is dat het duurzaam is.'

Dat betekent in zijn ogen onder meer maximaal 2,5 GVE en 20.000 liter per hectare, 100 procent graskruiden, regionale voeders en geen snijmais. 'Snijmais zorgt voor te veel CO2-verlies, terwijl kruidenrijk grasland juist meer CO2 vastlegt.'

Waardering

Voorwaarde is een goed inkomen voor de boeren. Daar wringt de schoen, bleek een dag eerder op een discussiebijeenkomst in Workum die was georganiseerd door de Leeuwarder Courant. Daar ging het over de kringloopvisie van minister Carola Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, en de uitwerking daarvan voor Friesland.

Melk is maar één bron van inkomsten

'Als landbouw kunnen we wel met de visie uit de voeten; kringloopdenken wordt al veel toegepast', zei voorzitter Trienke Elshof van LTO Noord regio Noord. Wat ze echter mist in de visie is de waardering voor het landschap. 'Er is alleen waardering voor het product en daarbij is het verdienmodel een lastige, want je hebt het over een internationaal gerichte sector. Helpt het de sector als de Nederlandse consument meer betaalt?'

Andere prikkels nodig

Volgens Elshof zijn er andere prikkels nodig om verduurzaming te stimuleren en moeten ook andere partijen hun verantwoordelijkheid nemen, zoals de overheid.

Directeur Hans van der Werf van de Friese Milieufederatie mist concrete plannen in de visie. Hij vreest voor papieren gedrochten die boeren moeten invullen om hun kringloop sluitend te krijgen.

Geen boekhouder

'Een boer is geen boekhouder en wil dat ook niet zijn', vervolgt Van der Werf. Liever maakt hij samen met de boeren plannen voor bijvoorbeeld het veenweidegebied met behoud van een extensievere vorm van landbouw.

Die insteek heeft ook directeur Henk de Vries van natuurbeschermingsorganisatie It Fryske Gea. 'Het landschap is opgeofferd aan de schaalvergroting in de landbouw, die nodig is om de kostprijs laag te houden', vertelde hij. 'We moeten dat landschap weer terug zien te krijgen, samen met biodiversiteit en gelukkiger boeren. Want ik kan me niet voorstellen dat boeren onder de huidige omstandigheden gelukkig zijn.'

Die opmerking deed Pieter van der Valk uit Ferwoude de wenkbrauwen optrekken. De jonge melkveehouder bouwde enkele jaren geleden een nieuwe stal en melkt daar nu 120 koeien. 'De landbouw is tegen grenzen aangelopen, bijvoorbeeld op het gebied van weidevogels. De waaromvraag is niet interessant, het gaat erom hoe je het oplost', reageerde hij.

Grond van stoppers

Van der Valk ziet mogelijkheden in de grond van boeren die stoppen en geen opvolger hebben. 'Niet iedereen wil groter, maar momenteel moet je wel groter om de kostprijs naar beneden te krijgen. Als je die grond op een andere manier kunt benutten, is intensivering en schaalvergroting niet nodig.' De melkveehouder noemde daarbij de opslag van CO2 als verdienmodel. 'Melk is maar één bron van inkomsten, er zijn meer bronnen mogelijk.'

Living Lab Fryslân is in 2016 opgericht door de provincie en heeft als doel verdienmodellen te ontwikkelen waarmee natuurinclusieve landbouw kan worden ingepast in de agrarische bedrijfsvoering. Ondernemer en bestuurder van Living Lab Fryslân Jetze Bokma ziet vooral mogelijkheden voor de (Friese) landbouw in relatie met gezondheid en de verschillen tussen bedrijven.

'Volop kansen'

'Er liggen volop kansen', zei Bokma op het foodcongres. Hij wees op trends als preventieve gezondheidszorg, de opkomst van powerfoods en de groeiende groep jongeren die bewust bezig zijn met gezondheid.

Boeren kunnen daar in zijn ogen met hun product op inspelen door zich meer te richten op kwaliteit en differentiatie, zich te onderscheiden op smaak of speciale ingrediënten en een verbinding te zoeken met het bedrijfsleven. Niet met internationale bedrijven, maar met bedrijven in de regio. 'Dat is leuk, maar slechts weggelegd voor een klein aandeel boeren', reageerde Jan Cees Vogelaar.

Melkveehouder Jan Bosch uit Hallum was dat met Vogelaar eens. Hij heeft samen met zijn ouders een melkveebedrijf met 185 melkkoeien en streeft naar een 'robuust bedrijf'. 'Kleinschalige verwerking en afzet gaat mij niet lukken, daar heb ik te veel melk voor. Ik haak liever aan bij een initiatief van de zuivelverwerker.'

Mestbeleid remt duurzame bedrijfsvoering
Het huidige mestbeleid is een grote belemmering in de omschakeling naar een meer duurzame vorm van landbouw, zo bleek vorige week op beide bijeenkomsten in Friesland. 'Het is toch van de zotte dat je niet meer dierlijke mest mag inzetten, maar wel kunstmest', mopperde Jan Cees Vogelaar vrijdag in Bolsward. We zitten gevangen in de regelgeving; er zijn nog steeds geen kunstmestvervangers mogelijk', constateerde Trienke Elshof een dag eerder in Workum. De boeren in de zaal zagen de sterke lobby van de kunstmestindustrie als belangrijkste oorzaak. 'We hebben de sleutel zelf in handen, zorg voor stallen waarin de mest gescheiden wordt', stelde Klaas Oevering uit Idzega.

Weer

  • Woensdag
    5° / 0°
    20 %
  • Donderdag
    5° / 0°
    10 %
  • Vrijdag
    6° / 1°
    10 %
Meer weer
@nieuweoogst.nu