Klimaatbestendige+bodem+is+puzzelwerk+voor+telers
Achtergrond
© Jorg Tönjes

Klimaatbestendige bodem is puzzelwerk voor telers

Hoosbuien en langdurige droogte wisselen elkaar steeds vaker af. Dat betekent dat het bodembeheer gericht moet zijn op goede waterafvoer en tegelijk watervasthoudend vermogen. Over hoe dat te combineren is, vertellen experts van CZAV, Delphy en CLM bij demovelden op de Rusthoeve in Colijnsplaat.

De Rusthoeve had afgelopen voorjaar nog te maken met stortbuien, waardoor Eelco Boot met zijn medewerkers geultjes moest graven om het water van de percelen te krijgen. Daarna stonden de gewassen te knappen van de droogte tot ver in augustus.

De vraag rijst of dit normaal wordt in de toekomst. Dirk Keuper van het Centrum voor Landbouw en Milieu (CLM): 'De regenbuien worden heviger. Er valt meer water in de winter, terwijl er in de zomer grote tekorten kunnen zijn aan water.'

Langer groeiseizoen

Keuper constateert dat de klimaatverandering leidt tot een langer groeiseizoen. Dat is op het eerste gezicht goed voor de productie, maar nadeel is ook dat ziekten en plagen sterker kunnen optreden. Veredelaars zullen volgens Keuper moeten werken aan plantenrassen die sterker zijn op plaag- en droogteresistentie. Daarnaast is verzilting een punt van aandacht.

We hebben groenbemesters nodig voor het klimaat

Lein de Visser, CZAV

Nelis van der Bok van Delphy zette de cijfers over neerslag in de afgelopen veertig jaar op een rij om zo meer te leren over het veranderende klimaat. 'Ik hield de neerslagcijfers over de afgelopen twintig jaar bij en over de twintig jaar daarvoor op onze locatie Westmaas.'

Van der Bok constateert een duidelijke toename van regenval, maar die valt niet mooi verspreid. Er valt meer water in de periode dat er geen gewassen op het veld staan, voorjaren zijn droger en vaak is de nazomer natter. 'In augustus valt over de laatste jaren 20 millimeter meer regen, vaak in hoosbuien. Bij droog weer zou je een hoger peil willen hebben, maar dat is niet goed als er zo'n hoosbui komt.'

• Lees ook: Rijn en IJssel vreest in 2019 nog steeds watertekort

Watermanagement

De langdurige droogtes dwingen de telers tot veel preciezer watermanagement. Pierre Cammaert van Delphy had vijftien jaar geleden niet gedacht dat waterbeschikbaarheid en beregening in de regio zuidwest zo'n groot thema zou worden. Nu denken de telers over peilgestuurde drainage, opslag van water in zoetwaterlenzen in de bodem en druppelirrigatie.

Provincie Zeeland bracht zes jaar geleden de zoetwaterbellen in kaart. Cammaert denkt dat telers in de regio kunnen nadenken over het actief in de bodem pompen van zoetwater in tijden van teveel en later oppompen van dat water om ermee te beregenen.

Drains

Akkerbouwer en Delphy-adviseur Sigrid Arends boert in de omgeving van het Lauwersmeer. Zij zegt dat de problematiek met watertekorten en verzilting in het Noorden lijkt op die in het Zuiden. Op haar bedrijf deed ze ervaring op met opslag van zoetwater via enkele meters diepe drains. In tijden van droogte kan ze daar weer water uit oppompen met een rendement van ongeveer 70 procent.

Beregenen met de haspel heeft twee nadelen: het kost veel water en het water valt met grote kracht op de grond, wat de structuur kan verpesten. In het Noorden deed Delphy ervaring op met druppelirrigatie. Het is duur, maar het kan, zeker in dure teelten als pootgoed, uien of lelies, goede resultaten opleveren.

Bijkomende voordelen zijn de vorstbescherming, betere kunstmestopname, minder ziektedruk en het systeem werkt na eenmaal klaarleggen met een druk op een knop of op de app op de telefoon. De beregening was afgelopen jaar een enorme aanslag op de conditie van de telers zelf, die de nodige slaap misten.

Spaarwater

De opslag van water in de bodem werkt het beste bij dikkere zoetwaterbellen in de grond. Kleilagen kunnen verzilting tegenhouden. De zoetwaterbel blijkt ook zelf goed te 'drijven' op de zoute waterbellen. In het project 'Spaarwater' deden partijen in het Noorden ervaring op met het neerslag bewaren uit de wintermaanden en daaruit beregenen in droge zomermaanden.

Niet alles over de techniek van het project 'Spaarwater' is al uitgezocht. Wettelijk mag het nog niet. Het is namelijk onduidelijk of er vervuiling mee de bodem in kan komen met het gespaarde water. Daarnaast is geld een afweging. De, eventueel mogelijk nog aan te leggen, druppelirrigatie is ook extra duur.

In de eerste instantie kunnen telers hun bodem al weerbaarder maken tegen klimaatverandering door de inzet van groenbemesters en dat te combineren met structuursparend werken. Lein de Visser van CZAV noemt groenbemesters een belangrijk middel om organische stof en bodemstructuur te verhogen en te verbeteren: 'We hebben groenbemesters gewoon nodig voor het klimaat.'

Aaltjes

De Visser wijst op de voordelen van organische stof uit de groenbemester en op de keuzemogelijkheden voor de telers. Daarbij moeten telers met aaltjes op hun percelen rekening houden.

Mengsels geven meer competitie en daardoor meer biomassa, maar de teler moet dan wel rekening houden met mogelijke vermeerdering van plantparasitaire aaltjes. Gras geeft veel biomassa en een gunstige koolstof-stikstofverhouding, maar de vermeerderende werking op vrijlevende aaltjes is een nadeel.

Reinier Stoutjesdijk van Delphy laat telers zien hoe interne slemp en zwel de bodem ondoorlatend kunnen maken.
Reinier Stoutjesdijk van Delphy laat telers zien hoe interne slemp en zwel de bodem ondoorlatend kunnen maken. © Jorg Tönjes

Ondoorlatende laag is sowieso slecht
In bodems kunnen ondoorlatende lagen ontstaan die zowel bij stevige buien als bij droogte in de weg zitten. Water kan niet goed infiltreren in een bodem met een verdichting en in tijden van droogte kan het water niet omhoog of de wortels van een plant naar beneden. Een belangrijke oorzaak van ondoorlatende lagen is zware mechanisatie, maar er is meer van invloed op de waterhuishouding. De fijne fractie in een bodem kan bij hevige regenval meespoelen en diepere lagen in de bodem verstoppen. Deze interne slemp is een punt van aandacht op een bodem als die op de Rusthoeve in Colijnsplaat. Organische stof en een goede verdeling ervan dragen bij aan een sterkere structuur. De manier van grondbewerking, groenbemesters die voor wortelgangen zorgen, bodemleven en de manier van water geven zijn van invloed op de structuursterkte van de grond. Nelis van der Bok van Delphy noemt nog een eigenschap van de kleigronden op de Rusthoeve die voor verdichting kan zorgen: 'Na een droge periode lijkt de grond mooi doorlatend, maar de klei kan bij regen gaan zwellen. Bodemlagen kunnen dan dichtzwellen. Op een bodem met 20 procent slib of 13 procent lutum kun je beter in het voorjaar ploegen.' Anthon Bom van Delphy laat de telers zien wat de mogelijkheden bij het inwerken van groenbemesters zijn. Technieken die de structuur in de bodem bewaren en die organische stof in de bovenlaag laten, zijn geschikt op deze bodems. Een Greencutter kan, rijdend op een snelheid van meer dan 10 kilometer per uur, de groenbemesters goed klein maken en, net als bij een schijveneg, licht inwerken. Voor ondiep ploegwerk is de ecoploeg geschikt.

Weer

  • Zondag
    5° / 0°
    60 %
  • Maandag
    7° / 3°
    40 %
  • Dinsdag
    7° / 4°
    20 %
Meer weer