Natuurbeleid+kan+niet+om+de+landbouw+heen
Achtergrond
© Twan Wiermans

Natuurbeleid kan niet om de landbouw heen

De provincies verleggen langzaam hun focus rond het onderwerp biodiversiteit. Waar ze zich eerder vooral met de natuurgebieden binnen het natuurnetwerk bezighielden, breidt de aandacht zich steeds meer uit naar het boerenland. Zowel in projecten als beleid is de boer steeds vaker nodig als bondgenoot om de biodiversiteit te herstellen.

Ergerniswekkend noemt de Friese gedeputeerde Johannes Kramer het. De gedeputeerde van de Fryske Nasjonale Partij was absoluut niet blij met de manier waarop de discussie over 'landschapspijn' enkele jaren geleden werd gevoerd. Daarbij kregen vooral de boeren de schuld van de afname van biodiversiteit.

'Ze zeggen soms dat je de politiek krijgt die je verdient. Maar je krijgt ook de landbouw waarvoor je betaalt', aldus Kramer.

Kentering

Kramer merkt de laatste tijd een kentering in het debat. 'Er wordt niet zozeer meer gekeken wat de boer fout doet, maar hoe hij beter beloond kan worden. Het besef komt steeds meer dat boeren niet iets willen verdienen ten koste van de natuur, maar ten bate van de natuur. Ook mensen van een bureau driehoog in Den Haag zien dat boeren vertrouwd zijn met natuur.'

Je krijgt ook de landbouw waarvoor je betaalt

Johannes Kramer, gedeputeerde Friesland

Zijn Gelderse collega Peter Drenth, gedeputeerde voor het CDA, vindt ook dat er te veel met vingertjes wordt gewezen in het debat. 'Maar we staan uiteindelijk allemaal aan de lat. Juist in woonwijken in de stad liggen ook kansen om de biodiversiteit te vergroten, bijvoorbeeld door bermen minder vaak te maaien. Boeren zijn echt niet tegen biodiversiteit, wel tegen de betweterigheid van stadse mensen.'

Verschuiving

Adviseur Wim Dijkman van het Centrum voor Landbouw en Milieu (CLM), deskundig op het gebied van biodiversiteit, ziet dat er een verschuiving gaande is in het provinciaal natuurbeleid.

'Waar de provincies zich eerst vooral bezighielden met het natuurnetwerk en de natuur binnen de officiële natuurgebieden, verschuift de aandacht meer naar het landelijk gebied. Het besef dringt door dat je die gebieden ook nodig hebt voor bevorderen van biodiversiteit.'

Drie pijlers

Het natuurbeleid van de provincies kent volgens Dijkman drie pijlers. 'Als eerste is de provincie verantwoordelijk voor de Natura 2000-gebieden. Daarvoor heeft zij goede instrumenten om het beleid vorm te geven. De tweede pijler is het agrarisch natuurbeheer. Ook daarvoor zijn de instrumenten aanwezig. Dit beleid wordt uitgevoerd via de agrarische collectieven.'

Daarnaast willen de provincies, als derde pijler, graag een stapje verdergaan op het gebied van biodiversiteit. 'Maar dat is lastig, want daar zijn meer drastische veranderingen voor nodig in het landbouwsysteem. De investeringen die de provincies nu doen, zijn slechts een doekje voor het bloeden. De overheid heeft daar beperkte invloed op. De markt is een belangrijkere factor.'

Akkerranden

Tegelijkertijd ziet de adviseur vanuit de agrarische sector dat er al een kentering gaande is. 'Er gebeurt al ontzettend veel. Steeds meer boeren leggen akkerranden aan of zijn bezig met een plasdras. Vaak doen ze dat vanuit zichzelf, omdat ze het belangrijk vinden. Daar hoeft niet altijd geld tegenover te staan.'

• Bekijk onder aan dit artikel enkele kandidaten voor de Provinciale Statenverkiezingen in Zuid-, Midden- en Noord-Nederland die een link hebben met de agrarische sector

Volgens Dijkman doen provincies er verstandig aan om het biodiversiteitsbeleid praktisch aan te vliegen. 'Kleine hoekjes dragen ook bij aan de biodiversiteit. Als iedereen iets doet, bereik je toch aardig wat. Je hebt er meer aan als honderd mensen één ding doen dan twee mensen tien dingen', stelt hij.

Stap voor stap

'Er zijn verschillende snelheden. Sommige bedrijven gooien het roer radicaal om, maar de meeste bedrijven doen dat stap voor stap in een lager tempo. Bij die bredere beweging moet je als beleidsmaker aansluiten.'

De adviseur denkt dat boeren en natuurorganisaties veel van elkaar kunnen leren. 'Boeren kunnen van natuurbeheerders leren als het gaat om het kennen en herkennen van soorten. Boeren daarentegen weten vaak veel meer van de eigenschappen en kenmerken van het gebied, doordat ze er al generaties in het gebied werken.'

Verschraling

Een interessante ontwikkeling vindt volgens Dijkman plaats rondom het verschralen van natuurgebieden. Boeren snappen vaak niet waarom natuurbeherende organisaties kiezen voor verschraling van gronden. 'Ook daar kunnen boeren en natuurbeheerders van elkaar leren', stelt hij.

'Je ziet dat natuurorganisaties steeds meer naar bodembeheer kijken. Dat is iets waar boeren juist veel vanaf weten. Een gezonde bodem is ook goed voor insecten, dus er ontstaat bij de natuurorganisaties meer interesse in bodemleven en bodemkwaliteit. Een bodem moet je voeden. Daarom wordt er op sommige plekken geëxperimenteerd met vaste mest op natuurgronden.'

Keuzes maken

Provincies doen er volgens Dijkman goed aan om scherpere keuzes te maken. 'Je kunt niet voor weidevogels kiezen en tegelijkertijd de vos zijn gang laten gaan. Dat geldt ook voor ganzen. Te veel ganzen zijn ook slecht voor de weidevogelstand. De natuur zijn gang laten gaan en soorten beschermen zijn soms tegenovergestelde doelen.'

Kramer is het daarmee eens. 'We moeten zoeken naar een balans', vindt de Friese gedeputeerde. 'Wat dat betreft zijn provincies evenwichtskunstenaars, bijvoorbeeld als het gaat om de steenmarter versus de weidevogel. Dat is een uitdaging waarbij je het nooit goed doet. Ik krijg soms mails waar de honden geen brood van lusten. Maar daarvoor ben je bestuurder en daar moet je mee om kunnen gaan.'

Nederlandse collectieven willen rol in nieuw GLB
De veertig collectieven voor agrarisch natuur- en landschapsbeheer willen een rol spelen bij de realisatie van de doelen voor het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). BoerenNatuur, de koepelorganisatie van de collectieven, heeft dat kenbaar gemaakt bij minister Carola Schouten (LNV). BoerenNatuur is ervan overtuigd dat de agrarische collectieven de afgelopen jaren voldoende ervaring hebben opgedaan om in de volgende GLB-periode een belangrijke uitvoerende rol te spelen. Voorzitter Alex Datema van BoerenNatuur heeft de minister uitgelegd welke meerwaarde de collectieven kunnen hebben. Collectieven kunnen volgens hem optreden als 'vergroeningscoördinator' die de bevoegdheid krijgen om een deel van de maatregelen die boeren willen treffen te beoordelen. In het nieuwe GLB wordt waarschijnlijk een deel van de directe betalingen gewijzigd in een resultaatbeloning.

Hieronder ziet u enkele kandidaten voor de Provinciale Statenverkiezingen die een link hebben met de agrarische sector. Klik op de naam om direct naar het artikel te gaan.

Zuid-Nederland

Midden-Nederland

  • Melkveehouder Jaco Kastelein (CDA) uit Bodegraven, Zuid-Holland
  • Biologisch melkveehouder Klaas de Lange (CDA) uit Nederland, Overijssel
  • Oud-wethouder met portefeuille landelijk gebied Dick Vlastuin (SGP) uit Renswoude, Utrecht

Noord-Nederland


'Natuurinclusief moet vrije keuze zijn'

Akkerbouwer Hubrecht Janse uit Goes staat op de kandidatenlijst van de VVD voor Waterschap Scheldestromen en Provinciale Staten van Zeeland. Zijn belangrijkste thema: zoetwater. Ondernemers moeten volgens hem vrij kunnen kiezen voor biodiversiteit en natuurinclusieve landbouw.

Hubrecht Janse

Janse was de afgelopen vier jaar als algemeen bestuurslid actief binnen het waterschap. 'De lijntjes met mijn partijgenoten in de provincie zijn kort; ik word regelmatig om advies gevraagd als het gaat over agrarische onderwerpen.' Dat bracht Janse op het idee om zich ook kandidaat te stellen voor de Provinciale Statenverkiezingen. De akkerbouwer gaat zich hard maken voor de beschikbaarheid van zoetwater. 'Een tekort aan zoetwater raakt op den duur niet alleen de primaire sector, maar de hele Zeeuwse agrarische keten.'

Ruimte voor innovatie, ondernemerschap en terughoudendheid in de transformatie van landbouwgronden in nieuwe natuur zijn andere belangrijke agrarische thema's van VVD Zeeland. 'Ook vinden we dat er een goede schadevergoeding moet komen als wildschade niet voorkomen kan worden.' Biodiversiteit en natuurinclusieve landbouw staan niet expliciet genoemd in het verkiezingsprogramma. Janse vindt dat een ondernemer vrij moet zijn om hiervoor te kiezen. 'Wel kan de politiek deze wijze van landbouw stimuleren.'

Terug naar boven


'Schone lucht voor boer, buur en beest'

Akkerbouwer Eric van der Spelt zit namens D66 in de gemeenteraad van Steenbergen. Hij heeft ruimte en economie in zijn portefeuille. Onderwerpen waar de provincie veel meer over gaat. De overstap naar Provinciale Staten is logisch, vindt Van der Spelt. Hij staat twaalfde op de kandidatenlijst voor D66.

Eric van der Spelt

Een opmerkelijke partijkeuze? Niet voor de akkerbouwer uit Steenbergen. 'D66 durft keuzes te maken. Neem de versnelde transitie van de veehouderij. Veel boeren zijn hiervan geschrokken. Ik snap dat. Maar ik vind wel dat een versnelling nodig is, anders zouden we de doelstellingen niet halen. Ondersteunende maatregelen zijn belangrijk voor een geslaagde transitie.' Gezondheid is het centrale thema van D66 Noord-Brabant. 'We willen bijvoorbeeld schone lucht creëren voor boer, buur en beest.'

De D66'er vervolgt: 'Ook willen we het gebruik van kunstmest terugdringen. Boeren lopen tegen knellende regelgeving aan; samen met de sector willen we naar een oplossing zoeken.' Van der Spelt doet al jaren aan agrarisch natuurbeheer door 12 van de 160 hectare landbouwgrond in te richten als akkerranden. 'In Brabant is slechts 17 procent van het landschap ingericht als bos en natuur, de rest is agrarische grond. Willen we meer biodiversiteit, dan moet de provincie samen met de boeren aan de slag om dit in gang te zetten.'

Terug naar boven


'PS kunnen biodiversiteit stimuleren'

Fruitteler Rinus van 't Westeinde uit Nisse is dit jaar veertig jaar bestuurlijk actief in diverse besturen. Hij heeft de afgelopen vier jaar als lid van Provinciale Staten (PS) voor het CDA in Zeeland behoorlijk wat voor elkaar gekregen. Maar zijn werk is nog niet klaar.

Rinus van t Westeinde

Trots is Van 't Westeinde op zijn bijdrage aan de totstandkoming van het Deltaplan zoetwater, waarin maatregelen staan die de zoetwatervoorziening moeten verbeteren. 'De komende jaren willen we samen met partners verder werken aan een robuust zoetwatersysteem.' Ook was het Statenlid een van de ondertekenaars van de nationale bijenstrategie, wat heeft geleid tot de Zeeuwse Bijenstrategie. 'De biodiversiteit gaat al jaren achteruit. Daar kunnen we iets aan doen. Bijvoorbeeld door de aanleg van bloemrijke akkerranden. Niet alleen op agrarische gronden, maar ook in nieuwe woonwijken en op bedrijventerreinen. PS kunnen deze beweging stimuleren.'

De komende jaren gaat het CDA zich onder meer hard maken voor het behoud van kwalitatief goede landbouwgrond. Zeeland loopt voorop in de aanleg van nieuwe natuur. Volgens Van 't Westeinde is er nog 800 hectare te gaan. Dat is voldoende, vindt het CDA. 'Bovendien vinden we dat boeren kwalitatief goed voedsel moeten kunnen blijven produceren.' Van 't Westeinde staat op plek 3 op de CDA-kandidatenlijst in Zeeland.

Terug naar boven


'Zonder biodiversiteit geen landbouw'

'In een verstedelijkte provincie als Zuid-Holland is het belangrijk dat iemand af en toe zijn vinger opsteekt als het over boeren gaat.' Het 'boerengeluid laten horen' was voor melkveehouder Jaco Kastelein uit Bodegraven de reden om Statenlid te worden. Kastelein is sinds december Statenlid. Voor de verkiezingen staat hij op nummer zes op de CDA-lijst.

Jaco Kastelein

'Biodiversiteit is belangrijk. Zonder biodiversiteit is er geen landbouw, maar ik maak me er wel zorgen over hoe we het financieel rond moeten krijgen. Hoe houden we de boeren in de benen?' Akkerranden en kruidenrijk grasland vindt Kastelein nuttige investeringen. 'Maar mensen vergeten te gemakkelijk dat de aanleg daarvan wel ten koste gaat van productiviteit en het heeft gevolgen voor het rantsoen voor de koeien. Het is twee keer een kostenpost en heeft dus effect op de winstmarge van melkveebedrijven.'

Subsidies van de provincie op het gebied van biodiversiteit vindt de CDA'er goed. Die brengen ontwikkelingen op gang. 'Maar voor de lange termijn is het geen verdienmodel. Het gaat mis als de consument met zijn winkelwagentje door de supermarkt rijdt. Mensen die op Facebook van alles roepen, zijn niet dezelfde als de consument in de winkel.' Daar moet de omslag vandaan komen. 'Zolang consumenten alleen voor goedkope producten blijven gaan, verandert er weinig.'

Terug naar boven


'Kleine stapjes hebben enorme impact'

Overijssels CDA-kandidaat Klaas de Lange uit de buurtschap Nederland is positief. 'We moeten alles uit de kast halen om de teruggang in biodiversiteit een halt toe te roepen. Alle kleine stapjes hebben een enorme impact.'

Klaas de Lange

De biologisch melkveehouder, LTO-bestuurder en eigenaar van Weerribben Zuivel zit niet om werk verlegen. Toch heeft hij zich verkiesbaar gesteld voor het Statenlidmaatschap. 'Het kan niet zo zijn dat de agrarische sector niet vertegenwoordigd is in de provincie. Er werken tienduizend mensen in de agrarische sector in Overijssel. De Staten hebben ook mensen uit de praktijk nodig.' De Lange beschermt op zijn bedrijf weidevogelnesten. 'Weidevogelkuikens eten per dag 3.500 muggen. De insecten zijn erg belangrijk. Als de kuikens snel sterk zijn, kunnen ze zich sneller verweren tegen predatoren.'

Volgens de melkveehouder zijn alle partijen nodig om de teruggang in biodiversiteit te stoppen. 'De provincie, gemeenten, waterschappen, boeren en burgers. Boeren kunnen op bedrijfsniveau allerlei dingen doen. Kijk naar wat past op het bedrijf en in het gebied.' Niet iedereen kan in één keer voor 30 procent extensief worden. 'Die financiële speelruimte is er niet. We komen uit een tijdperk dat we voor maximale productie gingen. Dat verandert nu. Voor de meesten geldt: stapje voor stapje.'

Terug naar boven


'Bied de boeren langetermijnzekerheid'

'In het provinciehuis heerst bij velen een verkeerd beeld van de agrarische sector. De provinciale politiek is te ver van boeren af komen te staan.' Dat stelt Dick Vlastuin uit Renswoude, nummer vier op de kandidatenlijst van de Utrechtse SGP.

Dick Vlastuin

In Utrecht is geen enkele boer verkiesbaar voor Provinciale Staten. Vlastuin heeft wel veel affiniteit met de agrarische sector. Hij is in Renswoude twaalf jaar wethouder geweest met de portefeuille landelijk gebied, is betrokken geweest bij de voorganger van gebiedscoöperatie O-gen en heeft in de regionale commissie voor Foodvalley gezeten. 'Veel mensen hebben geen idee wat er allemaal gebeurt in de landbouw. Ze weten bijvoorbeeld niet dat de agrarische sector in het westelijk veenweidegebied er anders uitziet dan in Oost-Utrecht op de zandgrond. En ook niet dat er in twintig jaar veel is veranderd, ook op het gebied van biodiversiteit', constateert Vlastuin.

'Er wordt veel gedaan. Boeren doen graag mee. Maar ze verdienen wel een eerlijke prijs. Bied de boeren langetermijnzekerheid, dan willen ze er best in investeren.' Datzelfde geldt voor dierenwelzijn. 'Als je wilt dat dieren meer ruimte hebben, moet je ook soepeler omgaan met regels om het bouwblok te vergroten. Dan kunnen boeren vooruit en kunnen ze investeren voor de toekomst. Investeringen in biodiversiteit en dierenwelzijn moeten financieel uit kunnen.'

Terug naar boven


'We werken te veel langs elkaar heen'

Friesland kan meer afstemmen met boeren, de jagersvereniging en de Bond Friese Vogelwachten om de biodiversiteit te vergroten, stelt akkerbouwer Klaas Hoekstra uit Feinsum. Hij is kandidaat voor GrienLinks. 'We werken nog te veel langs elkaar heen.'

Klaas Hoekstra

Met akkerbouwers rond Leeuwarden wil Hoekstra via talud- en akkerrandenbeheer meer doen voor vogels en insecten. 'Het ideaalplaatje is dat elke boer iets met natuur doet, bijvoorbeeld aanleg van akkerranden op een teeltvrije zone.' Hoekstra probeert via het ondernemersfonds het zaad vergoed te krijgen. 'Bloemenzaad is duur. Wij stellen de randen ter beschikking. Het geld uit het ondernemersfonds betalen we nu zelf door de verplichte afdracht via de ozb. De gemeenschap zou via de provincie hier een bijdrage aan kunnen leveren. Dan doe je samen iets.'

De boer is drie jaar lid van GrienLinks. 'Ik heb lang geaarzeld om kleur te bekennen. Duurzaamheid is een groot goed. Het betekent ook dat een boer zijn rekeningen kan betalen. We opereren in een openbare ruimte, de omgeving vindt daar ook iets van. Daar wil ik naar kijken. In GrienLinks is de sector slecht vertegenwoordigd. Ik ben blij dat ik mijn bijdrage kan leveren.' Hoekstra is een gangbare boer. 'Ik heb enkele jaren voor een deel biologisch geteeld. Het is mooi om zonder middelen te werken, maar de markt moet wel meebewegen.'

Terug naar boven


'Grondkwaliteit provincie holt achteruit'

Dat provincie Groningen zoveel mogelijk boeren wil laten omschakelen naar biologisch is een nobel streven, maar een illusie. Dat stelt VVD-kandidaat-Statenlid en melkveehouder Willemien Snijder uit Wagenborgen. 'De provincie moet meer kijken hoe ze gangbare boeren kan ondersteunen om de biodiversiteit te vergroten.' 

Willemien Snijder

Snijder runt met haar vader Jan een melkveebedrijf met 215 melkkoeien. Het bedrijf telt 139 hectare land. 'De koeien gaan zo vroeg mogelijk naar buiten. We hebben minimaal 80 procent blijvend grasland en verschillende grassoorten.' Daar kunnen boeren meer naar kijken, meent de VVD'er. 'De provincie kan veel meer inzetten op praktische dingen en het geven van voorlichting. Dat vergroot het bewustzijn van de boeren.'

Bovendien vindt Snijder dat de provincie meer aandacht moet schenken aan haar eigen landbouwgronden. 'De provincie verpacht veel grond aan boeren. De kwaliteit holt achteruit. Groningen heeft haar mond vol van biologisch boeren, maar ze zou eerst eens in haar eigen grond moeten investeren.' De melkveehouder heeft zich voor de derde keer kandidaat gesteld voor de VVD. 'Het aantal boeren dat in Provinciale Staten van Groningen is vertegenwoordigd, is dramatisch laag, terwijl boeren een belangrijk deel van het landschap beheren.'

Terug naar boven


'Boeren hebben meer oog voor natuur'

Veredelaar, pootgoedhandelaar en voorzitter van Landschapsbeheer Flevoland Jan-Eric Geersing uit Emmeloord pleit voor een combinatie tussen landbouw en natuur. 'Het is niet de landbouw tegen natuur of andersom, maar het zijn elkaars verlengden.' Geersing staat op de lijst voor ChristenUnie Flevoland.

Jan-Eric Geersing

'Wij staan als ChristenUnie met beide benen op de grond. Met de Oostvaardersplassen is het helemaal uit de hand gelopen. Het was ooit een prachtig natuurgebied, maar het werd een megalomaan project', zegt Geersing, die elf jaar in de Staten zat. 'Het is een gekke gedachte. We gaan in Nederland uit van 2 tot 2,5 koe per hectare, maar in de Oostvaardersplassen lopen veel meer dieren en ook nog zonder voer. Die gaan gewoon dood. Ik ben blij dat een andere richting is gekozen.'

Geersing merkt dat boeren meer oog krijgen voor biodiversiteit. 'Ze werken meer met natuurlijke elementen als bomen op hun land. Ook zie je proeven met strokenteelt. De insecten bijvoorbeeld hebben veel meer invloed als natuurlijke vijanden in het gewas, als tot voor kort werd aangenomen', zegt hij. 'Ik heb in de gewasbescherming gewerkt. Je ziet dat boeren meer natuurlijke middelen gebruiken. Je moet wel aan de juiste knoppen draaien om de juiste werkzaamheid te krijgen. Er is veel kennis nodig over de natuur waarin je werkt. Dat dringt steeds meer door bij boeren.'

Terug naar boven