%27Chemie+is+uiteindelijk+doodlopende+weg%27
Achtergrond
© Alex J. de Haan

'Chemie is uiteindelijk doodlopende weg'

Maximaal organischestofgehalte in de bodem en het liefst zo weinig mogelijk chemische gewasbeschermingsmiddelen. Vijf Groningse akkerbouwers hebben het doel, verduurzaming van de pootgoedteelt, scherp voor de bril. 'Met onze intensieve bouwplannen komt de bodemvruchtbaarheid gewoon in de knel.’

'De kwaliteit van het Nederlandse pootgoed wordt wereldwijd gelauwerd. Daar mogen we trots op zijn. De infrastructuur is perfect. Van het zakje met zaad tot de NAK-controles loopt het als een geoliede machine', stelt akkerbouwer Jan Wolthuis uit Den Andel.

'Toch zie je met onze intensieve bouwplannen van een op drie of een op vier het organischestofgehalte in de bodem teruglopen. Het totale beleid is afgestemd op derogatie. Bemestingsnormen zijn domweg te laag, waardoor je ook verschraling ziet optreden. Grondgebonden ziektes, aardappelmoeheid en phytophthora zijn een probleem', zegt Wolthuis.

'Wat mij opvalt, is dat we voor elk probleem een middeltje hebben. We voegen steeds meer componenten en mineralen toe. Ik spuit in granen soms wel drie keer tegen schimmels. Uit onderzoek blijkt dat er residuen achterblijven in de grond. Het is niet altijd zichtbaar, maar ook de goede schimmels verkoop je met chemie een tik.'

Er is wel een verdienmodel nodig, anders strandt het

Jan Wolthuis, akkerbouwer uit Den Andel

Akkerbouwer Jan Wolthuis uit Den Andel.
Akkerbouwer Jan Wolthuis uit Den Andel. © Alex J. de Haan

Atlantis 'enorm heftig middel'

Wolthuis schetst het beeld van de akkerbouw in Nederland. Zijn ogen gingen vooral open door het gebruik van Atlantis in de graanteelt. 'Een enorm heftig middel. Een spuitfoutje heeft enorme gevolgen. Welke residuen blijven dan in de klei achter, vraag je je af.'

Wolthuis is een van de telers die in het Collectief Midden Groningen deelnemen aan het project voor het verduurzamen van de pootgoedteelt. Met verschillende experimenten wordt gekeken hoe bouwplanbreed het organischestofgehalte omhoog kan worden gebracht zonder gebruik van chemie.

Ook worden er proeven gedaan met het toedienen van compost. 'Zoals we nu met onze bodem omgaan, kan het niet langer. Biologisch is natuurlijk het andere uiterste. Daarvan kunnen we ontzettend veel leren, maar in mijn optiek ligt de waarheid in het midden. Uiteindelijk is er wel een verdienmodel nodig, anders strandt het.'

Effect van sabbatical

Wolthuis stelt een perceel beschikbaar waar het effect van een sabbatical, oftewel rustjaar, wordt bekeken. 'Als ondernemer wil je natuurlijk je land benutten om er opbrengsten van af te halen. Dat zit zo ingebakken. Nu laat je grond bewust braak liggen om het uiteindelijk ten goede van de hoofdgewassen te laten komen. Op de langere termijn hoop je strak 5 ton aardappelen meer van het land te halen. Als dat het geval is, dan is de proef wat mij betreft geslaagd.'

Op 5 hectare grond zijn drie stroken met drie verschillende mengsels van groenbemesters ingezaaid. Grasachtige soorten voor beworteling, vlinderbloemigen voor beworteling en stikstofvastlegging en bladrijke soorten met het oog op ziektedruk. De grond was schoon. Niets geploegd, niets afgevoerd.

'Je verwacht wel wat meer schurft, alleen kun je over het algemeen stellen dat er meer onderzoek nodig is. Ook zien we verschillen in bovengrondse biomassa van de groenbemesters en in de koolstof-stikstofverhoudingen. Hoe dat uitpakt op de pootgoedteelt is onderdeel van onderzoek in 2019. 2018 was vanwege de droogte natuurlijk ook een uitzonderlijk jaar.'

Inzet van sporenelementen

De veldtesten op de percelen van akkerbouwer Egge Jan Hommes uit Pieterburen richten zich op de inzet van sporenelementen. Op percelen met Spunta's werden velden uitgezet met de 'ouderwetse' gangbare chemiedoseringen, half om half en een met alleen sporenelementen.

Volgens de onderzoekers van het Louis Bolk Instituut bleek dat de totale knolopbrengst wat hoger was bij toevoeging van alleen sporenelementen. 'Gangbaar' gaf meer kleine knollen per plant en heeft op het oog meer potentie.

'Maar ook hier is het lastig om na een jaar conclusies te trekken. Dit jaar waren schimmels geen probleem, terwijl luizen er wel waren. Toch waren er niet echt grote verschillen', vindt Hommes. Hij is op het bedrijf al enige tijd bezig met groener telen. 'Mineralen aanvullen als plantversterker.'

Akkerbouwer Egge Jan Hommes uit Pieterburen.
Akkerbouwer Egge Jan Hommes uit Pieterburen. © Alex J. de Haan

Doodlopende weg

Hommes stelt dat het zogenoemde npk-boeren samen met chemie uiteindelijk een doodlopende weg is. Voor hem is dat de belangrijkste motivatie om aan het project deel te nemen. 'Hoe kunnen we met de natuur mee telen en toch een betere opbrengst en kwaliteit krijgen? Probleem in onze sector is dat de marges klein en de risico's groot zijn als je voor de wereldmarkt teelt. Je kunt je weinig veroorloven.'

Hommes zegt dat de wens om een groener teeltsysteem niet ten koste mag gaan van de kwaliteit van het product. 'In mijn ogen is er niet één specifieke oplossing, maar moeten we naar het hele teeltsysteem kijken. Het is belangrijk dat we deze proeven een vervolg geven.'

Wolthuis vult aan: 'We hebben ook niet de illusie dat we nu op alle vragen een antwoord gaan krijgen. Toch denk ik dat wij ondernemers ook de plicht hebben om het milieu te sparen. Natuurlijk moeten we zien dat we onze eigen portemonnee niet extra belasten, maar dan zullen we toch wat anders moeten doen dan steeds weer op chemie teruggrijpen.'

Bijzondere samenwerking voor duurzame pootgoedteelt
Het project is mogelijk door een bijdrage uit het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (POP3) en wordt door de telers in samenwerking met het Collectief Midden Groningen en het Louis Bolk Instituut uitgevoerd. 'Bijzonder is dat we hier kunnen spreken van een European Innovation Partnership', legt onderzoeker Chris Koopmans van het Louis Bolk Instituut uit. Hij doelt op verschillende partijen die aan het project participeren. Koos Koop van het Collectief Midden Groningen knikt instemmend. 'Onze overtuiging is dat je alleen kunt gaan voor een natuurinclusieve landbouw als je de hele keten erbij betrekt.' Om die reden is er bewust een biologische teler bij het project betrokken. 'Vooral om ook die kennis te delen. De biosector is enorm professioneel.' Bijzonder is de deelname van handelsbedrijf Hoogland. Adviseur Louw Hoekstra stelt dat het bedrijf al langer bezig is om te kijken naar alternatieven voor chemie. 'Uiteraard verkopen wij gewasbeschermingsmiddelen, maar wij zien voor onszelf een grote verantwoordelijkheid. Denk aan het gezondheidsaspect. Er komen sporen in ons voedsel en dat komt ook doordat er sprake is van verdringingspolitiek in de bodem. Die elementen moeten we niet meer in ons voedsel willen. Wij zijn ervan overtuigd dat het gewas minder vatbaar is voor ziektes, als de mineralenhuishouding op orde is.' Hoekstra erkent dat er ook een commercieel aspect aan zit. 'Onze CO2-foodprint wordt steeds belangrijker. We willen voorop lopen, dus we kijken of we met minder chemie de teelt kunnen sturen, maar toch dezelfde opbrengsten van het land kunnen halen.'

Weer

  • Woensdag
    11° / 5°
    10 %
  • Donderdag
    14° / 6°
    10 %
  • Vrijdag
    16° / 5°
    10 %
Meer weer